Analfabetisme is een mooie deugd.

Toen mijn hond zich vorige week in mijn schoot kwam nestelen, dacht ik een vlieg te zien lopen over zijn vacht. Uit gewoonte ging ik alvast mijn prÈparÈdoos halen, ving ik het insect in kwestie en zette ik het zachtjes buiten op het plankier.

Toen mijn hond mij eergisteren kwam knuffelen, meende ik verscheidene diertjes over zijn pels te zien lopen. Ik blies ze weg en speelde ongestoord verder met de hond in de tuin. Tot die beestjes in sneltempo een coup d’Ètat op mijn arm pleegden.

Ever since mijn arm ooit eens zwart zag van kippenluizen, toen ik hun eitjes kwam halen, heb ik het niet zo begrepen op kleine beestjes. Het begrip ‘kleine beestjes’ valt breed te interpreteren; van die kleine rode spinnetjes (God weet wat ze zijn) tot mieren tot kippenluizen. Alles wat welig tiert en liefst in groepen van minstens 30 over je arm loopt eigenlijk.

Voor wie het nog niet doorheeft, mijn hond heeft vlooien. En mijn kat ook. En ik heb de valkparkiet nog niet eens durven checken.
Vlooien die leven in mijn gras, wachtend op een achteloos slachtoffer dat een wandelinkje onderneemt in de tuin om de fantastische natuur te bewonderen en dan, katsjaaa.

Voor je’t weet, zit je uren te waken met een vergrootglas over je tapis-plein met de stofzuiger in de aanslag, reagerend op de minste beweging en lees je internetpagina’s waarin staat dat vlooien voor lintwormen kunnen zorgen en waarin staat dat je ’s nachts de uitwerpselen van de huisstofmijt inademt.

Was ik maar analfabete.

Reacties

Reageer zelf

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

You may use these HTML tags and attributes: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>