Maandelijks archief: augustus 2017

lilith drinkt al een jaar geen alcohol meer (en is niet van plan om te herbeginnen)

IMG_2489

Laat mij starten met een disclaimer: ik heb getwijfeld of ik deze post zou schrijven. Ik heb me afgevraagd waarom die twijfel er was. Ik schrijf over huilbaby’s en postnatale depressies. Ik heb het gehad over mijn strijd met eten en stoppen met roken. Maar om de een of andere reden vond ik het lastiger om het over alcohol te hebben. Op een dag had ik het er met Youri over, en dacht ik: alleen al daarom moet je erover schrijven, kind. Omdat het duidelijk iets is waar eens over geschreven moet worden. En waarom dan niet door jou?

2 september 2016. Toen ik de gin tonic die ik bij mensen thuis kreeg op mijn gemak had opgedronken wist ik het. Het is klaar. Omdat ik het er niet met bijzonder veel mensen over heb gehad op voorhand leek het vast een impulsieve beslissing. Maar heel de zomer voor die gin tonic dronk ik ook amper, op een uitspatting na die het vermoeden dat al lang in mij leefde bevestigde: ik kan niet matig drinken.

IMG_1776

Dit is hem. De laatste gin tonic.

Mijn verhaal is er gelukkig geen van drinken voor het ontbijt en ik ben ook blij dat ik hier geen dingen moet vertellen over betrapt zijn op dronken rijden of ander grensoverschrijdend gedrag. Tegelijk vind ik dat de hoeveelheid die je drinkt er eigenlijk minder toe doet dan je op het eerste zicht zou denken. Toen ik de eerste keer tegen Youri zei dat ik wilde stoppen met drinken snapte hij niet waarom. Zoveel dronk ik niet, vond hij, en een mens mocht zich af en toe toch eens laten gaan? Zelf dronk hij toen al zelden of nooit, en misschien maakte dat het contrast tussen ons wel groter op de avonden dat ik in de wijn vloog en hij op het gemak een gini of twee dronk. Ik heb heel vaak dezelfde reactie gekregen als ik tegen iemand in mijn omgeving zei dat ik wat minder wilde drinken. Dat er toch geen probleem was. Er lag ook geen rock bottom aan de basis, zoals ze dat noemen. Wel een artikel over alcohol en angsten.

Angst is een thema bij mij, daar heb ik eerder al over geschreven. Ik ben bang opgevoed. En alcohol was er al rond mijn veertiende, en wat bleek? Het was de gemakkelijkste en leukste manier om even een break te nemen van mijn angstige hoofd. Het ene moment kon ik dan nog wel denken dat niets ooit goed kwam, na vier pintjes kwam alles goed. En voelde ik me minder sociaal ambetant en was ik volgens mij ook nog eens veel grappiger en leuker. Win fucking win.

Ik heb hele periodes in mijn leven niks gedronken, maar het zal niet als een verrassing klinken dat in tijden waarin zowel mijn moeder als mijn schoonmoeder stierven, ik niet bijzonder vruchtbaar bleek te zijn, uiteindelijk toch een baby kreeg die maar niet stopte met krijsen, en er nog wat dingen minder smashing liepen, een glas wijn op het einde van de dag wel een bijzonder gemakkelijke vakantie weg uit mijn hoofd kon zijn. Net als in de periodes waarin ik verzoop in het werk en moederschap, en het altijd wel ergens wine-o-clock was. En ik het verdiend had, dat vooral.

IMG_5197Ik heb me er lang weinig vragen rond gesteld. Tot ik me wel vragen begon te stellen. Over het feit dat ik altijd meer dronk dan ik me op het begin van de avond had voorgenomen. Over de regeltjes die ik met mezelf afsprak: nooit in de week, wel in het weekend. Waarop ik op vrijdagnamiddag al op het gemak aan de aperitiefjes ging want TGIF. Aja.

Wat alcoholinname betreft had ik volgens de regels in de krant amper een probleem. Maar als je er zoveel energie in begint te steken door constant met jezelf in discussie te gaan over of je al dan niet een probleem hebt of zult krijgen, dan heb je volgens mij al een alcoholprobleem. Ik kon het na een tijd niet meer opbrengen. Het nadenken over al dan niet drinken. De twijfel over of het me wel deugd deed, met mijn baby van een paar maanden oud. Tijdens de zwangerschap van Flo had ik niet gedronken, en erna was ik stilletjes weer aan het herbeginnen, en hell, heb ik mezelf soms vervloekt als ik de avond ervoor was weggeweest en al rond zes uur werd gewekt door mijn twee bloedjes. Ik begon me ook vragen te stellen over hoe ik wilde dat zij mij zagen. Een moeder die om de zoveel tijd als een zombie in de zetel tegen een kater zat te vechten, of erger nog: een moeder die niet naar huis wilde omdat ze liever met de minuut zatter werd, ik bedacht me dat ik dat eigenlijk allemaal niet zo fijn vond.

Mijn zoon en ik delen een mocktail.

Mijn zoon en ik delen een mocktail.

Dus ben ik gestopt. Eigenlijk zonder veel moeite. Ik ben beter in helemaal niks dan in een beetje. Ik heb niet gedronken toen Trump president werd. Ik dronk geen druppel tijdens de feestdagen. Op mijn verjaardag dronk ik een limonade bij mijn eten. Ik ben al meerdere keren zwaar uit geweest op bruiswater. En ik ken ondertussen elke plek in Ieper waar ze lekkere mocktails of homemade icetea verkopen. Het loopt allemaal veel makkelijker en beter dan ik op voorhand kon vermoeden.

Na een jaar kan ik wel wat dingen vertellen:

  • alcohol maakte mij net depressief en angstig. Ik was al een tijd in therapie, en toen ik het artikel las dat zei dat alcohol angsten net in de hand kon werken, vond ik dat dat geen sense maakte. Keihard aan jezelf werken en dan elke week wat dingen in je lichaam gieten die dat weer teniet doen. Ik was die angsten zo beu dat ik het minstens eens zonder wilde proberen. Awel, na een jaar kan ik het u met zekerheid zeggen: bij mij blijkt het te kloppen. Ik ben emotioneel stabieler, en veel minder bang. Mijn angsten zijn nooit helemaal weg, maar ze zijn heel doenbaar geworden. En ja, ik ben nog soms heel erg moe, en ik voel me soms alleen in alles, en dan ween ik even heel hard en roep ik dingen die ik niet meen. Maar ik ga niet over tot het openen van een fles wijn, ik kruip niet in bed om daar slecht te slapen en ik word de dag erna niet wakker met het gevoel dat ik weer heb gefaald en het allemaal niet kan. Ik ga wandelen, of lopen, of schrijven, of iets eten met vriendinnen. Geloof me: dat scheelt, qua zelfbeeld.
  • niet drinken maakt mij productiever. Mijn leven zit bij momenten zo vol dat het eigenlijk een beetje belachelijk is om het moeilijker te maken door iets in mijn lichaam te gieten dat mij niet zoveel deugd doet. Ik las ergens dat iemand een kater vergeleek met “playing life in extra hard modus“. Hoe waar is dat? Laat ons eerlijk zijn: twee jonge kindjes, een job als zelfstandige, weinig uren waarin ik veel gedaan moet krijgen, dan is een kater echt geen cadeau.
  • ik ben fitter. Niet enkel in mijn hoofd. Mijn spijsvertering ligt minder vaak overhoop. Ik heb minder de neiging om vet te eten, wat ervoor heeft gezorgd dat ik ook een kilo of vier ben afgevallen die ik toeschrijf aan stoppen met drinken. Ik voel me fysiek gewoon beter.
  • ik amuseer me beter als ik niet drink. Ik weet het, dit klinkt als iets dat alleen iemand die zo ongezellig is om nooit nog alcohol te drinken zou zeggen om zichzelf te troosten. Ik mag doodvallen als het niet waar is: ik amuseer me nu beter als ik met vrienden afspreek. Hoe dat komt? Ik denk nooit meer na over of ik ga drinken en hoeveel. En of ik niet te veel aan het drinken ben. En waarom andere mensen zoveel trager drinken dan ik. En of het fout zou overkomen als ik al een nieuw glas wijn bestel. Niks van dat. Nog beter: ik blijf heel de avond fris en ad rem. Dat kon niet gezegd worden van mijn vroegere avondjes uit, toen ik vaak al na een glas of drie minder geconcentreerd was en na nog meer soms gewoon hele flarden miste. Ik ben er ondertussen behoorlijk zeker van dat ik veel leutiger gezelschap ben als ik niet drink dan als ik wel drink. En dat was eigenlijk het beste besef van het afgelopen jaar, want daar was ik bang voor: dat het allemaal minder leuk zou zijn zonder wijn. Totaal niet waar. Ik heb op mijn nuchtere avondjes bij momenten zo hard gelachen dat mensen zich afvroegen of ik niet te veel had gedronken. Neen jong. Gewoon high on life. En geen kater de dag erna.
  • ik mis het veel minder dan ik op voorhand dacht. De voordelen zijn te veelvuldig, denk ik. Ik denk er zo goed als niet meer over na. Dacht ik in de eerste weken nog dat mensen me er constant over zouden aanspreken, dan is dat nu helemaal voorbij. Mensen zijn vooral met zichzelf bezig. Heel soms kijkt iemand naar mijn fruitsapje en krijg ik de vraag waarom ik niet gewoon een glas cava meedrink. Dan zeg ik iets als: ik heb al meer dan genoeg gedronken in mijn leven. En dan is het meestal voorbij. Als mensen echt meer willen weten, dan vertel ik er over, maar ik ben geen anti-alcohol warrior geworden. Helemaal niet. Af en toe krijg ik de vraag wanneer ik weer ga herbeginnen, en als ik dan zeg: “ik hoop nooit”, dan wordt er al eens bezorgd gefronst, alsof ik plots veranderd ben in een non die nooit nog plezier in haar leven kan hebben. Maar het ding is: ik heb plezier. Ik ga nog uit, ik ga nog op restaurant, ik amuseer me minstens even hard. En ik voel me beter en gezonder. Als het van mij afhangt, dan herbegin ik niet meer. En neen, dat is niet altijd makkelijk. Dat is bij elk etentje of aperitief weer beslissen om voor fruitsap of een watertje te gaan in plaats van voor de cava of wijn die van mij wordt verwacht, maar ik vind dat het het waard is. Ik ben blij met hoe dingen zijn gelopen, en als ik me al iets beklaag, dan is het dat ik niet eerder ben gestopt. Ik heb nog nooit gedacht: “damn, ik wou dat ik gisteren toch alcohol had gedronken“. Wat niet wil zeggen dat ik vind dat de rest van de wereld ook moet stoppen, verre van. Er zijn veel mensen die heel verantwoordelijk met alcohol kunnen omgaan. Maar ik was geen van hen.

Wil je graag meer lezen?

Ik had veel aan deze boeken:

This Naked Mind van Annie Grace was geweldig om te snappen hoe alcohol werkt en vooral: hoe alcohol niet werkt. Wat Stoppen met roken van Allen Carr was toen ik daarmee stopte was This Naked Mind nu. Zeer zeer boeiend en motiverend.

Blackout van Sarah Hepola. Grappig, herkenbaar, confronterend, en heerlijk geschreven.

IMG_0018

Lien Braeckevelt heeft as we speak een nieuw boek uit, dat “30 dagen zonder alcohol” heet. Het staat vol getuigenissen, tips en recepten om er eens dertig dagen voor te gaan. Misschien een ideaal geschenk voor mensen die eens een testje met zichzelf willen doen. Ik mag er vijf weggeven. Het enige dat je hoeft te doen is hieronder posten waarom je het boek graag wilt winnen. Kan anoniem, als dat makkelijker is, ik heb wel een mailadres nodig maar je kunt je naam gewoon aanpassen. Deelnemen kan tot woensdagnacht 6 september om 12 uur, op donderdagochtend mail ik de winnaars. Succes! (je mag ook gewoon posten als je geen boek wilt winnen, natuurlijk. Zet het er dan gewoon even bij, dan haal ik je uit de loting met de onschuldige kinderhand)

Nog een disclaimer: ik weet dat diegenen die het vaakst geneigd zijn om op dit soort posts te reageren doorgaans de mensen zijn die zelden of nooit alcohol drinken. Dat lijkt een constante, mensen die posten dat ze niet snappen wat er zo moeilijk is aan geen alcohol drinken. Dat soort reacties zorgt er vaak voor dat mensen die het wel snappen niet durven reageren. Ik vind dat altijd jammer. Alsof je tegen iemand met een depressie zegt “ik ben altijd vrolijk, ik snap niet waar jij zo’n drama rond maakt”. Dat helpt niet. Compassie helpt, je proberen in te beelden hoe dingen er voor iemand anders uitzien ook. Oordelen of zeggen dat jij het helemaal anders zou aanpakken is soms behoorlijk kwetsend bij gevoelige thema’s als verslaving en afhankelijkheid. Tegelijk snap ik de frustratie van mensen die nooit drinken en daar in onze maatschappij op worden aangesproken ondertussen ook. Deze blogpost heb ik vooral geschreven voor iedereen die mij de laatste maanden heeft opgebiecht ook te twijfelen en te sukkelen. Ik hoop dat iemand uit die doorgaans stillere groep er iets aan heeft. 

lilith deelt 36 topnummers voor 36 jaar

shutterstock_366666287Een dag of vijf geleden werd ik zesendertig. Dat was oké. Ik was daar net zo min kapot van als euforisch over. Mijn eigen moeder had nog elf jaar te gaan, op dat moment. Ik heb daaraan overgehouden dat ik elk jaar blij ben met een nieuwe verjaardag. Als mensen zuchten dat ze weer een jaar ouder zijn geworden dan ben ik diegene die denkt aan de ziekenhuisgangen vol mensen die wilden dat er nog een jaar zou bijkomen. Mijn hoofd is misschien niet de meest feestelijke plek om in te wonen maar er is altijd koffie en iemand die een dekentje komt brengen dus ça va nog.

Ik heb onlangs een kleine enquête op de Facebookpagina van Tales from the Crib gezet. Die invullen leverde niks op, geen prijs of niks, en toch deden jullie dat ondertussen meer dan 550 keer! Ik bedoel maar: beste lezerspubliek ter wereld, jullie, daar moest ik geen statistieken voor trekken om dat te beseffen.

Ik lees elk van die meer dan vijfhonderd enquêtes. Ik zit aan over de 200, en ik heb er al schatten van informatie uitgehaald. Dat elke lezer anders is en andere verwachtingen heeft. Dat de ene me roemt voor alles dat ik schrijf over de kindjes en de ander zou willen dat ik daarmee stop. Dat de ene veel meer recepten wil (“we maken hier regelmatig een van de recepten klaar die je hebt gepost“) en de andere hoopt dat ik nooit nog een post, want “IK HAAT KOKEN!!!“. Heerlijk om lezen. Heerlijk om inspiratie uit te halen. Een van de dingen die ik soms tegenkwam was dat ik weinig over muziek schrijf. Dat klopt. Ik heb het graag stil. Daardoor zie je me weinig op concerten en ben ik minder met muziek bezig dan ik soms wil. Ik kan nochtans helemaal ondersteboven zijn van een goed nummer, maar op de meeste momenten heb ik meer nood aan stilte dan aan ondersteboven zijn.

Mijn zesendertigste verjaardag vond ik een goed moment om eens een random lijstje samen te stellen. Van nummers die belangrijk voor mij zijn. Van 36 nummers voor 36 jaar. Ik heb vooral geprobeerd om me bepaalde vragen niet te stellen. Wat cool zou zijn om op te nemen in mijn lijstje, bijvoorbeeld. Of wat keihard afbreuk zou kunnen doen aan het beeld dat mensen van mij hebben. Ik heb me wel deze vragen gesteld:

  • welke nummers MOETEN standaard een tandje bij als ze voorbij komen op de radio?
  • welke leg ik op als ik ’s avonds even muziek nodig heb? Als ik uit een vaatje van een bepaalde emotie wil tappen?
  • wat doet iets met mij? Welke nummers zie ik zo zo graag?

Deze oefening maken is nacht na nacht wakker schieten met de gedachte dat ik van alles ben vergeten, maar dit lijstje is wat het is. Op dit moment. Ik vond Rozanne van Wim De Craene niet op Spotify, denk die er anders nog even bij. Er zitten dingen in van vroeger, en dingen waar ik nu week van word. The Divine Comedy. Duizend hartjes. Eels en Stef Bos en Wannes en oh oh, Fleetwood Mac. En Margherita van Marco Borsato, ik kon niet anders, het spijt me. Of neen, het spijt me niet.

Dit lijstje maken deed me beseffen dat ik heelder blogposts zou kunnen schrijven over mijn liefde voor Stevie Nicks of Adam Duritz, maar dat zal voor een andere keer zijn. Net als uitleggen waarom Stef Bos erin moest, en The Dixie Chicks. Dit lijstje maken was boven alles een fijne oefening die ik iedereen kan aanraden, jarig of niet.

Ik hoop dat iemand het oplegt en soms eens moet glimlachen en af en toe moet slikken.
Van emotie of verschot, dat maakt me niet zoveel uit.

Enjoy!

Zelf vakantieopvang organiseren: hoe wij dat deden op zes maanden tijd

IMG_8748Hoe gaat dat? Je zit te wachten tot het jouw beurt is om de kerstevaluatie te gaan beluisteren van je kleuter op school. Een van de andere moeders laat vallen dat er binnenkort al moet ingeschreven worden voor de kampjes van de zomervakantie, en het koud zweet breekt je uit bij de gedachte aan Dexter die elke ochtend laat blijken dat hij niet zo hard gemaakt is voor kampjes waar hij geen kindjes kent en geen idee heeft wie voor hem gaat zorgen. Je herinnert je een blogpost van Renilde, en laat iets vallen over kinderopvang door ouders. Niet goed wetende waar je aan begint.

Zo begon onze vakantieopvang, die ondertussen volle bak draait en mij elke dag weer een warm gevoel bezorgt. Omdat de opvangouders stuk voor stuk hun best doen om er iets tofs van te maken. Omdat de kindjes allemaal even graag komen. Omdat we dat toch maar geflikt hebben, zonder elkaar eigenlijk te kennen, op zes maanden tijd. Ik vind dat we daar trots op mogen zijn. Dat dat lukt. Dat er elke dag twee ouders zijn die op de kindjes komen passen. Soms zelfs vier, als mensen maar halve dagen kunnen komen. Soms juffen of stagiaires of andere mensen die ons goedgezind zijn. Dat mensen die plots niet kunnen komen of ergens langs een autostrade staan met een ontplofte band (*kijkt niet naar Youri*) kunnen rekenen op de welwillendheid van andere ouders om dat even op te lossen. Waw, denk ik dan. Hoe goed, dat dat lukt.

13. what a guy

Als dat bij ons lukt, dan kan dat bij anderen ook lukken. Ik hoor van heel wat mensen dat ze het een superfijne gedachte vinden om zelf zoiets uit de grond te stampen. Dat kan. Dat is zelfs aan te raden.

Zo deden wij het!

1. Er werd informatie ingewonnen.

Op de rapportavond stonden we te praten met drie mama’s, in de kerstvakantie die erop volgde mailde ik eens naar Renilde die me doorverwees naar Cokido, waar Eefje me telefonisch in gang stak en geduldig alle vragen waarmee ik kwam aanzetten beantwoordde. Eefje organiseerde al een paar keer een dergelijke sociale kinderopvang en haar organisatie begeleidde verschillende groepen over heel Vlaanderen. Op die manier moesten we het warm water niet uitvinden en konden we een beroep doen op de ervaring van anderen wat betreft reglementering, verzekeringen, planning en andere zaken. Eefje en ik spraken af dat ik op zoek zou gaan naar wat ouders die zin hadden om mee te doen.

2. Er werd volk gezocht.

Door middel van mensen aanspreken in de gang, briefjes meegeven in de mapjes van de kindjes, aankondigingen op de samenkomsten van de oudervereniging. Op onze eerste samenkomst waren we niet met superveel volk, maar we konden starten.

3. Er werd een locatie gezocht.

De school was van in het begin onze droomlocatie. Een vertrouwde omgeving voor onze kindjes, met alle infrastructuur voor kleuters. (denk: kleine toiletjes!) Ik trok mijn stoute schoenen aan en ging praten met de directie. Die vond het een leuk idee, maar moest het bespreken met mensen die boven hen stonden. Dat proces duurde een tijdje. Zo lang dat we begonnen te vrezen dat het een njet zou worden. We wisten dat we het sowieso wilden doen, en dachten al na over andere locaties. Er was een optie om het in een dienstencentrum in de stad te doen dat in de zomer leegstond, we dachten na over andere plekken. Hoorden dat er initiatieven waren waarop er zelfs werd opgevangen op een boerderij, hoe idyllisch. En toen ineens kwam de verlossende mail: we mochten een week testen in de paasvakantie (iets dat ze ons bij Cokido hadden aangeraden), en daarna zou er geëvalueerd worden voor de zomer. Dikke vette yes.

4. Er werd veel vergaderd.

Over plannen van aanpak. Over samenwerkingen met de speelgoeduitleendienst van de stad en de bibliotheek. Over wie de knutselmaterialen zou halen. Wat we mochten gebruiken van materiaal op school. Waar de kindjes wel en niet mochten komen. Hoe we voor de nodige vervanging zouden zorgen bij overmacht of ziekte. Of we ook kindjes van buiten school zouden opvangen. Voor elke tien vragen kwamen er tien bij, maar het was ook gezellig en we kwamen zo al eens bij andere ouders thuis op mooie zomeravonden. Eefje en haar team kwamen eens uitleg geven op school. En stapje bij stapje kwamen we dichter bij de paasvakantie, waarin we drie dagen aan het testen sloegen. Dat viel zeer goed mee, wat vertrouwen gaf voor de zomer. En een go van de directie.

5. Er werd ook getwijfeld.

Uiteindelijk kwamen we overeen om het het eerste jaar niet te moeilijk te maken. En dus ook geen gezinnen aan te trekken van wie de kindjes niet op de school van onze kindjes zaten. Dat hield de vergaderingen kleinschalig, maar doordat het schooltje nog klein is en niet iedereen zomaar kon of durfde instappen hadden we eigenlijk te weinig gezinnen om een goede planning op te stellen. Correctie: dat is wel gelukt, maar er werd wel wat verwacht van de ouders. Het systeem is dat je een dag opvangt in ruil voor vier opvangdagen voor je kind, en het gebeurt wel eens dat er een ouder twee dagen per week staat. Dat zijn dan mensen die bijvoorbeeld in het onderwijs staan en menen dat het soms simpeler is om hun kindjes mee te nemen naar een bende vriendjes dan ze heel de vakantie zelf te entertainen. En dat is ook gewoon zo. We hebben goed met iedereen overlegd, over of ze het zagen zitten, de opvangdagen die van hen werden verwacht. Er werden extra’s ingeschakeld, in de vorm van mijn schoonzus die wilde komen helpen op twee dagen dat Youri of ik gingen opvangen, of moeders die met hun dochter opvingen en dat heel gezellig vonden. En zo kwam alles goed. Ook mensen die in het begin niet goed wisten of ze wel durfden meedoen kwamen eens kijken en vonden het zo leuk dat ze volgend jaar ook willen meedoen aan het systeem. Ook daar zijn we erg blij mee.

2. Opstart bijspeeltuin

Ondertussen zitten we over de helft van onze vijf en een halve week vakantieopvang, en ik kijk elke dag mijn ogen uit. Dexter gaat supergraag, en hij is niet alleen. Morgen haal ik weer mijn knutsel- en taartenversierskills boven, samen met B., die vandaag al iets met zanddeeg deed en me liet weten dat dat nog kan geschilderd worden. Mijn kopzorgen waren nergens voor nodig, zo blijkt. De vakantieopvang is geweldig, ook wat betreft contact met andere ouders en hun kindjes. Ik kan het iedereen aanraden. Wie zei dat weer, dat je wat je zelf doet altijd beter doet? Ik ga het nog beginnen geloven.

Heb je vragen of wil je zelf sociale kinderopvang organiseren? Check dan zeker eens de site van Cokido, of stel ze hieronder in de reacties!