Categorie archief: gastric bypass

De maagverkleining: hoe is het nu?

kellymaagverkleiningvoor4

Allemaal goed en wel, maar zijn er al resultaten bekend van mensen die tien jaar verder zijn? Hoe zal ze zich voelen over vijftien jaar? En nog later?“. Ook toen ik 130 kilo woog en mezelf alles behalve lovable vond zat Youri naast me, bij elke stap die gezet moest worden. Toen ik stilletjes overwoog om iemand van een obesitascentrum te gaan interviewen over maagverkleiningen, en stiekem hoopte dat ik die dag de moed zou hebben om aan het einde van het interview aan te geven dat ik misschien eventueel ook wel op intakegesprek wou komen. Toen ik voor de eerste keer bij de chirurg mocht komen die misschien de operatie zou uitvoeren was hij diegene die alle slimme vragen stelde, zoals die hierboven. Niet omdat hij niet wilde dat ik me liet opereren, en ook niet omdat hij dat wel wilde. Wel omdat hij me verzekerde dat hij me zou volgen in elk verhaal dat ik koos. Maar dan wilde hij wel zeker weten dat ik in goede handen was. Ik natuurlijk ook, maar wanhoop is een slechte raadgever, en dus was ik vreselijk dankbaar voor elke vraag die hij stelde.

langgeleden.jpg

In 2006 waren er wel wat resultaten bekend van mensen die jaren eerder een gastric bypass hadden laten uitvoeren, al was de operatie toen relatief nieuw in België en kwamen die resultaten dus meestal uit het buitenland. We kregen te horen dat in de toekomst kijken moeilijk was, maar dat de chirurg er met zijn expertise van uit ging dat mijn levenskwaliteit met gastric bypass tien jaar later drastisch beter zou zijn dan als ik alles op zijn beloop liet. De kans dat ik mijn overgewicht blijvend zelf naar beneden kreeg was miniem, en dus was dit mijn beste optie als ik niet ten prooi wilde vallen aan hoge bloeddruk, diabetes, problemen met mijn gewrichten en andere ziektes die mensen met morbide obesitas kunnen krijgen. Ik weet nog dat ik vroeg of ik ooit nog zwanger zou kunnen worden (“nog beter dan je kansen nu, overgewicht is vaak een drama voor de vruchtbaarheid”) en dat toen zag als iets voor de verre, verre toekomst. Ik moest toen immers nog vijfentwintig worden. We kregen alle mogelijke complicaties uitgelegd, en namen de beslissing om ervoor te gaan. Ook al wilden we toen niks liever dan tien jaar verder kunnen kijken, dat kon niet.

kellymaagverkleiningvoor3

Vandaag kan ik dat wel.
Tien jaar verder, en ik ben tevreden met wat ik zie.
Dat heeft deels te maken met de nuchterheid van mijn chirurg, en het feit dat hij me nooit gouden bergen heeft beloofd. “Als je weet af te vallen tot 90 kilo dan zal ik de operatie zien als geslaagd“, zei hij steeds. “Ik denk niet in termen als ‘maat 38’, dat is een esthetische norm die in mijn vakgebied niet belangrijk is. Ik wil jou richting een zo gezond mogelijk BMI krijgen, maar verwacht asjeblieft geen wonderen. Wil je graag minder dan 90 wegen, dan zul je daar zelf extra inspanningen voor moeten leveren, en zoals je weet is dat niet altijd makkelijk“. Daarna werd me ook uitgelegd dat patiënten doorgaans zakken tot een laagste gewicht en daarna tien procent van het afgevallen gewicht weer bijkomen.

Toen ik 130 kilo woog leek 90 kilo me een droom. Mijn gewicht zakte tot 90, en uiteindelijk zelfs tot 75 kilo. Plus die tien procent werd dat uiteindelijk tachtig kilo. Daar was ik zeer tevreden mee. Nog steeds een BMI van 29, en dus niet binnen de normale range, maar laat ons vooral niet vergeten dat ik van 47 en morbide obesitas kwam. Ik kan dat trouwens uitleggen. Al weet ik nog niet of ik dat hier ook zal doen. In elk geval: mijn chirurg was zeer tevreden over het resultaat, en ik ook.

gisteren.jpg

En ja, het was ingrijpend. Natuurlijk was het dat, maar dat wist ik op voorhand. Het woord “gemakkelijkheidsoplossing” behoort enkel tot het vocabulaire van mensen die in deze niet goed weten waarover ze het hebben, kan ik u verzekeren. Maar dat gegeven alleen is eigenlijk nog een aparte blogpost waard. In het begin kreeg ik geen half boterhammetje op. De eerste weken moest ik al mijn eten pureren, wat een behoorlijk degoutante culinaire ervaring was. Op restaurant gaan was heel lang niet simpel, omdat ik altijd borden terug moest sturen die bijna onaangeroerd leken. “Was het niet lekker?” is het zinnetje dat ik het vaakst heb gehoord. Maar ik weigerde om niet meer te gaan eten, dus het hoorde erbij. Net als het feit dat ik mijn neus ophaalde voor al wat zoet was. Van zoet en vet kreeg ik immers vreselijke dumpings, een reactie van mijn lichaam die ervoor zorgde dat ik groen en kotsmisselijk in de zetel lag. Als ik een dessert at, dan was het dus kaas. Maar meestal was er in mijn maag compleet geen plaats voor dessert, dus dat maakte de keuze nog makkelijker.

Ik ben er lang in geslaagd om mijn porties zo klein te houden. Omdat ik de verhalen kende van mensen die erin slaagden om hun maag systematisch op te rekken door altijd wat te veel te eten, met als gevolg dat een nieuwe operatie zich opdrong. Dat wilde ik koste wat het kost vermijden. Maar met het verstrijken der jaren merkte ik dat ik toch beetje per beetje meer kon eten. Soms zorgde dat voor pure paniek: het werkte niet meer, ik had het kapot gemaakt! En toen werd ik ook nog zwanger van Dexter, en kwamen er kilo’s bij en was er weer paniek. Ik wilde niet weer dik worden, en al werd me verzekerd dat ook mensen met een maagverkleining gewoon bijkwamen tijdens een zwangerschap, daar bleken toch nog enkele onverwerkte trauma’s te zitten. (ik ben trouwens gedurende heel mijn zwangerschap opgevolgd door een endocrinoloog om zeker te zijn dat ik en mijn kind voldoende voedingsstoffen binnen kregen)

voorna2013.jpg

De dag voor Dexter geboren werd woog ik 95 kilo, twintig kilo meer dan het laagste gewicht dat ik enkele jaren eerder had weten te bereiken. Ik ben toen gezakt tot 76 kilo in 2013, zie ik in mijn statistieken, dat was ik precies vergeten maar amai, dat vind ik wel indrukwekkend van mezelf. Volgens mij was ik toen volle bak aan het lopen. Maar toen kreeg ik last van blessures en metaalmoeheid, en langzaam maar zeker ging mijn gewicht weer omhoog tot 85 kilogram. Tot ik zwanger werd van Flo, en ik aan het einde van die zwangerschap afklokte op 97 kilogram. Gevaarlijk dicht bij de honderd, dus daar wilde ik zo snel mogelijk iets aan doen. Daar ben ik hard mee bezig, en ondertussen is er acht kilo af en staat er weer een acht vooraan. Iets waar serieuze inspanningen voor geleverd moeten worden, ik kan het u verzekeren, maar daarover later meer. En ja, ge kunt zeggen: amai, ge weegt nu vijftien kilo meer dan een paar jaar geleden. Maar ik denk dan: nog altijd veertig kilo minder dan in 2006, en ik ben niet van plan om weer die richting uit te gaan dus chill.

Zijn er complicaties geweest?

Ja, waaronder een behoorlijk grote, heb ik pas achteraf beseft. Enkele jaren geleden werd ik ’s nachts wakker met onbeschrijflijke pijn aan mijn buik. Ik dacht aan nierstenen, maar dat bleek het op spoedgevallen niet te zijn, want zelfs met superzware pijnstilling die bij een eerdere niercrisis hadden geholpen bleef ik tegen het plafond gaan van de pijn. Het bleek een darmobstructie, die werd veroorzaakt door te veel plaats in mijn buikholte waardoor de zaken op twee plaatsen waren beginnen in elkaar draaien. Achteraf hoorde ik dat ik geluk heb gehad, want dat zoiets soms dodelijke gevolgen heeft. Ik kwam er vanaf met een groot litteken en weer een stuk darm minder. En ik had al niet meer veel.

Om de twee maanden heb ik een inspuiting met vitamine B12 nodig, die ik laat zetten door een thuisverpleegster omdat er een stuk darm is weggenomen dat die B12 opneemt, en mijn lichaam het dus niet meer zelf kan. Ik zet die afspraak nog steeds trouw in mijn agenda, en dat is het. Ik wist dat trouwens op voorhand, dus geen klachten. Verder weinig of niks van miserie.

Dit was al een hele brok, besef ik.

Laat me weten in de comments of er nog vragen zijn, en dan verwerk ik de antwoorden in een volgende post.

Wil je graag meer lezen?

Lilith komt het dikke meisje tegen op maagverkleiningsdag (2011).
Hoe het voelt. (2007)
Fat chick goes zen. (de dag voor de operatie in 2006)

lilith en de styliste: een verhaal in drie bedrijven

Streepjes met streepjes.

Streepjes met streepjes. Want nooit genoeg streepjes.

Enkele maanden geleden deed ik iets dat ik al heel lang wilde doen. Na jaren niks om aan te doen en elke ochtend vol twijfel en wanhoop voor mijn kleerkast staan riep ik de hulp in van iemand die er iets van kent. Ik deed dat voor een reportage in Steps, maar toen ik foto’s van mijn avontuur op Instagram postte kreeg ik zoveel vragen dat ik dacht: ik maak er een blogpost van. In drie bedrijven. Eerst: wat vooraf ging.

Er is geen stijlicoon aan mij verloren gegaan. Doordat ik op mijn achtste al te horen kreeg dat mijn lichaam schaamtelijk te dik was schakelde ik toen al over op een tactiek die ik tot enkele maanden geleden volhield: zoveel mogelijk van dat afzichtelijke lichaam verstoppen. Wijde bloezen, zo weinig mogelijk bloot vel, zelfs bij dertig graden, altijd broeken, legerbottines, sjaals, hoe meer ik kon wegsteken, hoe liever. Hoe dikker ik werd, hoe donkerder mijn kleren, want zwart slankt af, al werd het voor mij na een tijd duidelijk dat er nooit genoeg zwart op de wereld was om te verhullen dat de weegschaal doorgeslagen was naar meer dan honderd kilo. Veel meer.

voorna2013

Toen ik in 2006 mijn maag liet verkleinen (volgend jaar mijn tienjarig jubileum, kijk eens aan) deed ik dat vooral om gezondheidsredenen, maar ten tweede vooral ook omdat ik eindelijk in gewone kleren wilde passen. Een Zara of H&M inlopen en daar in al was het maar één kledingstuk passen, het is jaren een droom geweest zoals andere mensen dromen van tussen dolfijnen zwemmen of de lotto winnen. Meer nog: er waren dagen dat het iets leek als tussen dolfijnen zwemmen in een zwembad dat gevuld was met dollarbiljetten, zo ondenkbaar en zalig leek het me tegelijk. En het kwam ervan. Ik viel 56 kilogram af (dat is tien kledingmaten) en heb ondertussen nog steeds een maat 42, op goede dagen. Ik pas dus in gewone confectiematen. ‘DIKKE VETTE HOERA EN ALLES WAS PLOTS OPGELOST!’ zou je denken, maar toch niet. Helemaal niet zelfs.

styliste4

Jaren nergens inpassen, en dan plots in zo goed als alles. Wat koop je dan? Wat koop je als je nog altijd denkt dat je maat 48 hebt, en niet kunt inschatten of je al een achterwerk hebt dat je niet meer moet wegmoffelen onder een dikke jas.  Sta je ondertussen wel met een kleedje, of niet? Lang verhaal kort: ik heb de afgelopen tien jaar allerhande kledingstukken gekocht en gedacht dat ik er oke mee stond, tot ik mezelf op een foto zag. En bleek dat ik er in die fifties jurk die er helemaal vavavoom had uitgezien op een ander vooral uitzag als die kaboutervrouw van David de Kabouter, maar dan zwanger. Van zijn kabouterbaby’s. :aah:

Niet de look waar ik voor was gegaan toen ik vertrok, en dus greep ik toch maar weer terug naar veel strepen en grijs en veilig en een jeansbroek met een hoodie of eeuwige cardigan en nog veiliger en was het eigenlijk allemaal niet gemakkelijker toen ik mijn lichaam maar in één broek per winkel gewrongen kreeg? Toen zag ik er ook niet uit, maar dat was tenminste overmacht. Nu was het alleen maar een totaal gebrek aan smaak en stijl. Ik had geen idee wat ik dan wel moest dragen, maar wist een ding: de kleren die ik droeg weerspiegelden helemaal niet wat ik wilde weerspiegelen. Daar sta je dan mooi.

styliste3

Een mens moet elke dag kleren aandoen. Ik vond dat elke dag een moment van totale vertwijfeling. Om het niet te hebben over winkelen. Ik kocht steeds weer hetzelfde, voelde me niet eens ongelooflijk goed in hetzelfde, kon zo bewonderend kijken naar vrouwen die wel wisten wat ze deden dat ik bijna ontplofte van jaloezie. Ik probeerde te leren van Trinny en Susannah, maar werd altijd teveel afgeleid door de scène waarin iemand naar zichzelf moest kijken in ondergoed, en mocht er nog niet aan denken dat dat de prijs was die ik zou moeten betalen om te weten wat ik moest meenemen naar het pashokje. En dus ging ik door het leven alsof ik me in het donker had aangekleed.

styliste1

Kun jij je volgende column schrijven over mode?“, vroeg Bart van de Steps, enkele maanden geleden, alsof de duivel ermee gemoeid was. En dus schreef ik deze ultieme oproep:

Red de zwierige enkellaarsjesvrouw!

“Mijn modeleven verloopt in fases. Fase één is ontdekken dat ik eigenlijk al veel te lang dezelfde kledingstukken koop en draag, en me de vraag stellen hoeveel gestreepte truitjes iemand eigenlijk nodig heeft in haar leven. Fase twee: beslissen dat het anders kan, neen, moet! Modemagazines kopen. Denken: ja, dat is het. Vanaf nu ben ik iemand die kleedjes draagt, en enkellaarsjes. Vanaf nu ben ik de zwierige enkellaarsjesvrouw! Fase drie: investeren in kleedjes en enkellaarsjes. Fase vier: die een periode lang te pas en te onpas dragen, en alle andere dingen in mijn kast laten liggen. In te overmoedige gevallen zelfs wegdoen. Fase vijf: een foto van mezelf zien met een kleedje en enkellaarsjes, beseffen dat ik er helemaal anders uitzie dan ik bedoeld had, en vanaf dan alleen nog maar streepjestruien dragen tot ik weer in een nieuwe vestimentaire cyclus terecht kom en weer alles doorloop. Deze keer met skinny jeans en sneakers, of chino broeken met hakken.

Drieëndertig jaar worden heeft ervoor gezorgd dat ik op heel veel vlakken weet wie ik ben, behalve op vestimentair gebied. Dat heeft met een paar dingen te maken. Ik ging een jaar of tien geleden dankzij een operatie van maat 52 naar maat 42. Wat niet wil zeggen dat het allemaal rozengeur en maneschijn geworden is: dingen die een pop goed staan staan mij lang niet altijd, en doordat mijn rondingen nog altijd serieus aanwezig zijn ben ik op zoek naar het juiste evenwicht tussen maskeren en accentueren. Ik heb geen idee met welke kleuren ik sta, welk model mij wel of niet afgaat, en mijn stijl zou nog het beste van al omschreven kunnen worden als: zij doet maar wat.

Ik weet perfect wat ik mooi vind bij iemand anders, maar krijg het niet vertaald naar mezelf. En als ik iemand langs zie lopen die erin geslaagd is om een look te creëren die er niet alleen uitziet alsof er geen enkele moeite is in gekropen, terwijl die er toch perfect voor zorgt dat de drager er geweldig uitziet, dan kan ik wel een klein beetje jaloers zijn, ja.

Soms denk ik: ik maak het mezelf makkelijk. In plaats van elke ochtend te staan twijfelen voor mijn kleerkast die vol hangt met niks om aan te doen en dan toch maar weer in dezelfde keuzes te verzanden heb ik een uniform nodig. Blijft de vraag: welk uniform?

Kan iemand Jani Kazaltzis even op me afsturen, aub? Ik beloof dat ik niet in mijn gat gebeten zal zijn. Ik wil alleen eindelijk eens weten of er echt een zwierige enkellaarsjesvrouw in mij zit, of helemaal niet. Liefst voor ik helemaal te oud ben voor enkellaarsjes.”

Jani liet niet van zich horen. Maar iemand anders wel. Volgende week, deel 2!

lilith zwemt in een poel van glorie

lilithzwemt

Mijn hoofd als ik net 25 baantjes heb gezwommen.

Ik ken weinig mensen die zo zot zijn van water als ik. Als kind zat ik soms zo lang in zee dat het weinig scheelde of ik werd als vermist opgegeven. Een vis in de vorm van een meisje van zes. In mijn herinnering bracht ik dagen van acht uur door in het subtropisch zwemparadijs van elke Centerparcs die er bestaat, en vond ik ieder moment dat besteed moest worden aan iets anders dan zwemmen tijdverlies. Wildwaterbanen, bubbelbaden, golfslagbaden, in die tijd was ik pas echt gelukkig als ik naar chloor of zeewater rook.

En toen werd ik dik. Heel dik. Zo dik dat ik me steeds bewuster werd van hoe mijn buitenproportionele lichaam er moest uitzien in een badpak. Het weten en het ook met eigen ogen zien is evenwel iets anders, besefte ik toen er een week na wat mijn laatste keer Centerparcs zou worden een envelopje bij ons werd geleverd met de foto’s. Bij het zien van mijn vijftienjarige gigantische armen en billen op stilstaand beeld nam ik de beslissing om nooit nog een voet in een zwembad te zetten. Daarna werd ik steeds dikker en was het zelfs geen beslissing meer. Het was een noodzaak. Ik ging al bijna dood als iemand langer dan twee seconden naar mij keek, de gedachte dat ik daarbij alleen bedekt zou worden door een badpak was niet minder dan ondraaglijk.

Zo veel schaamte. Zo veel miserie. Al die jaren, waarin ik aan de kant bleef zitten als mensen gingen zwemmen. In de cafetaria, na een paar jaar liefst ook met lange mouwen, al was het zomer. Walging. Schaamte. Doen alsof je nu eenmaal niet zo’n zwemmer bent. Toen de gedachte aan een operatie om toch wat van mijn gewicht te verliezen begon te spelen maar ik bleef twijfelen maakte ik een lijst met dingen die ik ooit weer wilde kunnen doen. Naar een kledingwinkel gaan en daar iets uit een rek halen en erin passen. Het vliegtuig nemen zonder bang te zijn dat het stoeltje te smal zou zijn. Hetzelfde met een terrasje doen. En helemaal bovenaan die lijst: zwemmen.

Deze namiddag reed ik met mijn autootje naar het zwembad om er baantjes te gaan trekken, voor de tweede keer deze week, en bedacht ik me: er waren twee dingen waarover ik tien jaar geleden zeker was dat ik ze nooit nog zou doen. Zwemmen, en met de auto rijden.

Help me eens onthouden dat ik over dat laatste ook wel nog een en ander te vertellen heb.

lilith lijkt wel tegenstrijdig

Vorige week stond er een edito van mijn hand in Flair.

flair_edito.jpg

Gisteren stapte deze ongelooflijk toffe supervrouw in alle vroegte op de weegschaal, voor het eerst in een behoorlijk lange tijd. En zag ze een foutboodschap, in plaats van een cijfer. “Hopelijk door een lege batterij, en niet omdat de weegschaal me wil sparen”, zei ik tegen Youri toen ik er zonder resultaat weer afstapte. Maar ik was er toch niet gerust in. Er moesten batterijen gezocht, en snel, zodat ik wist waar ik voor stond, na twee weken bourgondisch verlof.

Moet ik nog diëten, dan, na mijn maagverkleining? Is het niet goed zoals het is? Kan ik niet gewoon tevreden zijn met mijn rondingen, en practicen wat ik preach?

Wel.

Ik heb, zoals jullie misschien weten, een kind gebaard. Doordat dat kind in mij zat, en ik vooral in het begin van mijn zwangerschap honger als een Dothraki had, kwam ik wat kilo’s aan. Dat veroorzaakte ei zo na kortsluiting in mijn hoofd, tot de dokter bij wie ik op maandelijkse controle moest me ervan vergewiste dat dat nu eenmaal is wat gebeurt als je zwanger bent: je wordt dikker. Dat wil niet zeggen dat je daarom weer even gigantische proporties hoeft aan te nemen als voor je maagverkleining. Maar de oude demonen waren wel wakker, en ze tikten met een gigantisch akelige grijns op mijn schouder.

Van de achttien kilo die volledig af te schuiven zijn op dekselse Dexter zijn er op dit moment nog acht over. Dat betekent dat ik tien kilo meer weeg dan het laagste gewicht dat ik dankzij mijn maagverkleining had zien te bereiken. Al bij al ça va nog, want doorgaans kom je nadat je op je laagste gewicht zit tien procent weer bij. Dat is mij voor mijn operatie tot in den treure ingepeperd, en ik zit daar zelfs nu, meer dan vijf jaar na incisie, nog onder. En toch.

Ik wil toch ooit in mijn leven eens in de buurt komen van een gezond BMI, jongens. Geen idee waarom. Niet omdat ik dan kleren kan kopen in normalemensenwinkels, want dat kan ik doorgaans wel, met mijn maat 42. Ik weet ook wel dat daar het geluk niet ligt, in dat cijfertje. Ik weet wel dat ik ongelooflijk blij kan zijn als ik gezond leef en me bewust ben van wat ik in mijn mond prop, en een beetje beweeg, en als dat resultaat oplevert in de vorm van strakheid, dan is dat enkel maar mooi meegenomen.

So there.

Ik probeer niet te hard te zijn voor mezelf. Dan geef ik op, namelijk. Ga ik in “boehoehoe zie je wel dat ik het niet kan!”-modus. Ik volg geen dieet, wegens dat ik daar even hard in geloof als in Jezus Christus en de kerstman. Ik eet wel zo clean mogelijk. Nog steeds geen vlees thuis, en voor de rest probeer ik alles dat uit de fabriek komt zo veel mogelijk links te laten liggen, en minder brood en pasta te eten. Vooral dat laatste vind ik een geweldig grote uitdaging. Ze noemen mij immers niet voor niks “lilith- boterhammen en spaghetti- van Tales from the Crib. Op dit moment wordt brood bij het ontbijt vervangen door havermout en fruit, en komt er alleen nog volkoren pasta en bruine rijst in huis. Ook nog: geen alcohol tijdens de week. (auwtsch) En een paar keer gaan sporten. En niet elke dag op de weegschaal, maar een keer in de maand. Af en toe eens honger durven hebben, in plaats van elke mogelijke leegte vullen met een mini Snickers. The works.

Ik zal mezelf vast niet toffer vinden als ik tien kilo minder zie te wegen, ik ben namelijk al best tof. Kijk maar.

ikbenaltof.jpg

En ik verwacht ook niet dat jullie dat doen, maar geweldig veel heb ik niet te verliezen. Of toch wel: als ik een gezond BMI wil bereiken, exact 18 kilo.

Start zeg ik!
(Al is tien ook al ongelooflijk super, laat ons dat afspreken. En vijf ook.)

lilith schrijft een maagverkleiningsupdate

Zeven jaar geleden werd ik elke ochtend doodongelukkig wakker. Met de gedachte: “Fucking crap, ik ben nog altijd ongelooflijk dik”. Gelukkig gloorde er op dat moment al hoop aan de horizon. Zeven jaar geleden had ik nog maar een goede maand te gaan voor ik onder het mes mocht, en mijn leven een extreme wending zou nemen, na al sinds mijn zevende bloederige gevechten te hebben geleverd met mijn gewicht, en het overschot daaraan.

Ik sta er eigenlijk alleen nog maar bij stil door de vele zoekopdrachten die lezers richting mijn gastric bypassarchieven sturen, en de sporadische mails die in mijn inbox vallen, vol vragen over hoe dat bij mij allemaal gegaan is en of ik nog steeds blij ben en of er nog complicaties geweest zijn, en hoe dat zit met mijn gewicht nu, zeven jaar later.

De meeste vragen over de procedure en het verloop van alles staan ergens op mijn blog beantwoord, behalve de update over hoe het nu zit. En aangezien ik me maar al te goed herinner hoe vaak zowel Youri als ik destijds aan de chirurg hebben gevraagd hoe het zat met de resultaten na vijf jaar, en na tien, en ik daar nu ergens tussenin zit, een update! Speciaal voor jullie!

For old times’ sake, en omdat ik destijds zelf zo’n sucker was voor een goede voor en na:

voorna2013.jpg

Niet te hard lachen, want ergens onder die vele extra kilo’s zit dezelfde persoon als ik nu ben, lieve lezertjes. Ze leest dus keihard mee.

Wat betreft cijfermateriaal: ik viel destijds 55 kilo af, maar zoals bij bijna iedereen met een maagverkleining ging dat gewicht na een paar maanden weer ietsje omhoog, om te stabiliseren op zo ongeveer min 52 kilo. Toen werd ik zwanger, en kwam ik zoals dat gaat bij. Iets dat mij trouwens heel vaak bang maakte, want de angst om ooit weer buitenproportioneel uit mijn voegen te beginnen barsten raak ik volgens mij van mijn leven niet meer kwijt.

Uiteindelijk leverde mijn zwangerschap me zeventien kilo extra op, en daar zijn er nu nog een stuk of vijf van over. Geen ramp, vind ik. Ik heb nooit een gezond BMI bereikt, maar dat was volgens mijn chirurg ook de bedoeling niet, en ook niet voor mij weggelegd. Sommige mensen komen nu eenmaal van heel ver, en mogen content zijn dat ze ineens kunnen winkelen in de Zara. Bij mij was dat het geval. Ik ben nooit in de buurt van maat 38 gekomen, en ik zie het ook nooit gebeuren. Maar ik ben al lang content met mijn 42-44, dankuwel.

Ik ben nog zelden echt op dieet, maar er gaat ook zelden een week voorbij waarin ik niet bewuster probeer om te gaan met wat ik in mijn mond steek. Wij eten hier nog altijd vegetarisch thuis, proberen pasta en brood te beperken en voor volkoren te kiezen, en ik doe keihard mijn best om veel groenten en fruit te eten. Dingen die er volgens mij toe bijdragen dat mijn gastric bypass nog altijd marcheert, want ik lees best een hoop andere verhalen, van mensen die al hun kilo’s weer zijn bijgekomen. Thank god dat ik dat heb weten te voorkomen, want ik zie mijn operatie nog altijd als een van de allermooiste cadeaus die ik in mijn leven heb gekregen.

Anywayz. Aangezien ik er nog best vaak over word aangesproken, IRL of via mail, wil ik gerust nog eens een Q&A doen. Vragen over mijn operatie, de nasleep, het emotionele of praktische van de zaak? Ik zie ze graag in de comments, en dan zorg ik voor een update, binnenkort. Shoot!

lilith en de obligatoire broekspijpfoto

kalenderblaadje4.jpgIk ademde in en uit, met het nodige gevoel voor drama, en ik deed wat ik moest doen. Na het feestgedruis van de laatste weekends en het stoppen met lopen wegens heupen die bij momenten aanvoelen alsof ze zestig jaar ouder zijn dan in werkelijkheid vreesde ik het ergste, en mijn tactiek bij het ergste vrezen is nogal dikwijls in grote bogen rond het probleem lopen. Probleem waarvan sprake: de weegschaal. En ik die er toch dringend nog eens op moest. En dus deed ik het. Ik ademde in en uit, en ik stapte erop.

Aangezien het getal helemaal niet kon kloppen deed ik het nog eens opnieuw, en daarna nog eens. Maar het getal bleef telkens hetzelfde. Bleek ook de vierde keer. Het kwam precies maar traag binnen, dat het eigenlijk best wel eens kon kloppen. En toen kwam het besef: ik heb sinds mijn dertiende nooit meer zo weinig vlees in mijn kuip gehad als vandaag. En dat is redelijk letterlijk te nemen, want volgens mij kan het niet anders dan dat het komt door het feit dat er in de crib geen vlees of vis meer wordt gegeten, al enkele maanden.

Ik heb een klein sprongetje gemaakt ja, van de weegschaal.
En daarna heb ik mijn kleerkast opgeruimd, en heb ik gedaan wat ik eigenlijk al jaren eens had moeten doen: de obligatoire ‘kijk, ik pas in één broekspijp en ik heb twee verschillende kousen aan’-foto maken.

tftcdag4.jpg

Ik ben niet gehalveerd, trouwens, in die vijf jaar, maar het voelt stiekem toch wel een beetje zo.

(en dat ik bijna op mijn gezicht ben gegaan, hier vlak na, dat soort foto’s haalt het dan vaneigens NET NIET)

lilith gaat het nog eens proberen

olifantzwembad.jpgSoms is het één foto. Het ene moment ga je nog vrolijk door het pakketje dat je van het Kruidvat hebt meegebracht, het andere moment ligt de foto voor je neus. Je kijkt naar jezelf, in je blauwe streepjeszwempak waarvan je je in de winkel nog had laten overtuigen dat het afslankte. Je zit met een softijs in je hand op een plastieken tuinstoel, die veel te klein lijkt onder al dat gewicht dat lachend aan het ijsje likt. Naast je een vriendinnetje dat vier keer in je lichaam zou passen. Je kijkt en blijft kijken, ook al zou je de foto liefst stante pede ritueel verbranden, en je zweert op alles dat heilig is dat niemand je ooit nog in badpak zal zien. OOIT. Daarna ga je een uur janken op je kamer. Je bent zeventien, geen haan die naar zo’n dingen kraait.

De zeventien jaar voor je huilbui heb je nochtans de helft van de tijd met gerimpelde vingers doorgebracht, omdat je totaal zot was van zwemmen. In zee, in de subtropische zwemparadijzen waar je ouders je om de zoveel tijd voor een midweek mee naartoe namen, in elk zwembad in de buurt, met school. Als er maar wildwatervallen en glijbanen waren mochten ze je gerust twaalf uur achterlaten. Niemand zwom liever dan jij. Niemand.

Toen je op je vijfentwintigste de beslissing moest nemen om al dan niet een maagverkleining te ondergaan zette je het dan ook helemaal bovenaan op je lijst van redenen om het te doen: ‘weer kunnen gaan zwemmen.’ Alleen ben je sinds je operatie welgeteld drie keer in een zwembad geweest, en dan nog in een privézwembad. Je bent dan wel erg veel vermagerd, maar die dure eed die je gezworen hebt, die krijg je precies maar niet ongedaan gemaakt.

Bleek nog maar eens toen je twee weken geleden een badpak kocht om op persreis te gaan, en bij het aanschouwen van een prachtig zwembad met palmbomen last minute besliste om het toch maar niet te doen. Zelfs al lag het rond het zwembad vol gepensioneerden die duidelijk veel minder last hadden van gene om hun lichaam dat in een nog veel minder goede staat verkeerde dan dat van jou. Je liet je zwempak mooi in je koffer zitten. Het water was toch veel te koud.

Maar vanavond ga je zwemmen.
In een openbaar zwembad. Baantjes trekken.
Je hebt het jezelf beloofd. Al minstens zeventien keer.
En vanavond, beste lilith, ga je het nog doen ook.

lilith komt het dikke meisje tegen op maagverkleiningsdag

schaaltjen.jpgAl wie eens een gigantische egoboost wil krijgen moet dringend zijn maag laten verkleinen, vijf jaar wachten, en dan ja zeggen als ze je vragen om bij wijze van “na” aanwezig te zijn op een lotgenotendag voor mensen die zo’n operatie willen. Dat dacht ik, toen ik gisterennamiddag met mijn kaartje op mijn trui bijna werd overrompeld door mensen die met mij wilden komen spreken alsof hun leven ervan af hing. (Ik heb voor de zekerheid mijn schuilnaam Kelly gebruikt, trouwens)

kaartje.jpg

Hoeveel ik was afgevallen was de vraag die het vaakst voorbij kwam, en het antwoord (‘vijftig kilogram’) zorgde bijna altijd voor de grootste ogen. De openvallende monden kwamen er nog eens bij toen ik mijn voorfoto toonde, en ik bijzonder goed moest opletten dat mijn iPhone niet door heel de zaal werd doorgegeven terwijl mensen naar mij wezen als was ik een wonder der natuur.

Meisjes met ogen waarin ik de wanhoop zag waar ik zes jaar geleden zelf bijna in verzoop kwamen me een beetje gegeneerd vragen hoe het zat met mijn veloverschot. En terwijl ik eerlijk antwoordde dat ik wel nooit meer in de running zou zijn voor de titel van bikinimodel van de Westhoek maar het voor de rest al bij al wel meeviel kwamen de volgende vragen al op me afgerold. Of ik veel last had gehad van de operatie. Of ik alles kan eten. Of ik aan sport deed. Of mijn borsten ook kleiner waren geworden. Of ik gelukkiger was.

‘Ik zie je nog altijd binnenkomen, vijf jaar geleden’, sprak de coördinatrice van het centrum even later toen we samen een bordje fruitsla stonden te eten. ‘Sommige mensen vergeet je niet, en jouw verhaal zal ik niet rap vergeten.’ Ik glimlachte, me afvragend of dat een compliment was of niet, en dacht terug aan één van de donkerste en tegelijk meest hoopvolle dagen van mijn leven. De dag dat ik al mijn moed had samengeraapt om mijn mond open te doen en tegen iemand te zeggen dat het echt niet meer ging. Dat het me niet meer lukte om mijn probleem zelf op te lossen. Dat ik hulp nodig had. En dat ik me daar toen zo hard voor schaamde.

zwmusee.jpg

En ik dacht erbij hoe ik het meisje op de foto’s in mijn iPhone haast niet meer herkende, en hoe ik me toen had voorgenomen om nooit te vergeten wat een gigantisch cadeau het zou zijn om ooit niet meer te moeten zijn zoals zij. Vijf jaar later vergeet ik al te vaak om zotcontent te zijn met alles, en zit ik te vaak te zagen over mijn nog steeds prominent aanwezige rondingen.

Toen ik naar buiten wandelde heb ik aan het dikke meisje beloofd om het weer wat meer te beseffen, van die tweede kans. Al was het maar omdat ik het dikke meisje gisteren tientallen keren heb herkend in de ogen van mensen die zich compleet geen raad meer wisten met hun gewicht, en heb beseft dat ik haar serieus achter me heb gelaten. En dat dat het beste is dat me kon overkomen.

langgeleden.jpg

Zes jaar geleden.

gisteren.jpg

Gisteren.

(wie meer wil weten over het hele avontuur dat hieraan vooraf ging: er is een gastric bypass-categorie.)

lilith deed een klein huppeltje

huppeltje.jpgIk heb vanmorgen in alle vroegte een klein huppeltje gedaan in mijn slaapkamer, en beste lezer, ik heb er eigenlijk nogal dubbele gevoelens over.

It goes a little something like this: zoals jullie allen weten (wegens dat ik het al tot in den treure op deze blog heb vermeld) nam mijn lichaam vroeger nogal gigantische proporties aan. En toen werd ik geopereerd, en sprak de dokter van dienst: verwacht niet dat je ooit slank zal worden, ik zal blij zijn met “niet meer problematisch dik.” ‘MAAR IK OOK!!!’, schreeuwde mijn in vet gewikkelde lichaam het toen uit, elke kilo minder was een fantastische kilo, en ik zou die koesteren met heel mijn in het vet badende hartje.

Fast forward naar vier jaar later.

Ik ben al bij al meer kilo’s afgevallen dan de dokter voorzichtig had voorspeld (vijftien, om precies te zijn), en na een dramatische terugval vorig jaar waarbij ik weer wat was bijgekomen ben ik weer wat meer op de rem gaan staan. Door vegetarischer te eten (mind the -er, waarover later meer), door meer te sporten en door al bij al bewuster na te denken over wat ik in mijn mond stak. En ik ben nog altijd niet slank, maar daar heb ik mezelf overgezet, of toch ongeveer. Op goede dagen.

Enter het huppeltje. Vanmorgen vroeg, rond half zeven, nadat ik al drie dagen ziek ben geweest, ik weet het. Maar toch: vanmorgen woog ik – insert drumroll- minder dan ik in vijftien jaar heb gewogen. VIJFTIEN JAAR! Sinds vorig jaar in Dubai is er zes kilogram minder lilith om van te houden. En terwijl ik mijn huppeltje deed al van de weegschaal springend dacht ik: “lilith lilith lilith toch, heb je nu nog altijd niet geleerd dat cijfertjes niet belangrijk zijn? Was dat huppeltje nu echt nodig?!”.

En ik dacht: awel ja. Omdat ik het verplicht ben aan mijn dikke zelf die vijf jaar geleden honderd zakdoeken kletsnat heeft gehuild omdat ze dacht dat het nooit meer goed zou komen.

This huppeltje goes out to you, kid!

Vier jaar, in twee dolle voor en na’s

4.jpgVier jaar. Zo lang wonen wij vandaag in onze crib.

Dat wil zeggen dat ik vandaag exact vier jaar en vijf dagen geleden mijn maagverkleining kreeg. (toch een gemak qua dingen onthouden, zo’n weblog. Ik kan dat iedereen aanraden.)

Na vier jaar kan ik kort zijn: alles gaat nog altijd heel goed. Ik kan nog altijd geen enorme hoeveelheden eten, maar dat stoort me zelden of nooit. Ik kan nog altijd geen bak frieten of een stuk taart eten zonder zo mottig te worden als een aap, maar af en toen drie frieten of een half stukje taart lukken perfect. Ik weeg nu 52 kilogram minder dan vier jaar geleden, wat eigenlijk feitelijk niet minder is dan een gigantesk succes. Ik vergeet dat soms eens, hoe fantastisch dat allemaal is.

Ik ging in die vier jaar van kledingmaat 52-44 naar 40-42.
Dat wil zeggen van winkels voor hele grote maten naar heel normale winkels.
Ik eet op dit moment gezonder dan ooit, en ik loop. IK LOOP, met mijn benen!
Ik heb zelfs plannen om te beginnen zwemmen. Ik, die jaren in grote bogen rond zwembaden heb gelopen omdat ik bang was voor aangespoelde walvis-opmerkingen en mezelf moeten vertonen in badpak op plaatsen waar andere mensen komen. Ik heb een zwembril gekocht. I KNOW.

Even voor de lol, twee voren en na’s. Eén van de crib, één van mezelf.

crib2006.jpg

De crib, in de bijzonder donkere en koude winter van 2006.

crib2010.jpg

De crib, op een gemiddelde zondagnamiddag in 2010.

2006.jpg

Ik in 2006, met het enige t-shirt waarvan ik het bijzonder jammer vind dat het ondertussen alleen nog maar kan dienen als tent voor een middelgroot gezin.

na2010.jpg

Ik een week of twee geleden, duidelijk nog steeds niet vies van koekjesdeeg.

Aan beiden nog werk, maar toch: ferm content, al bij al.