Categorie archief: life in the fat lane

lilith kijkt in de spiegel (en is blij met wat ze ziet)

IMG_7740

Ik herinner me geen magisch moment.
Het was niet dat ik van de ene dag op de andere dacht dat ik gearriveerd was. Er waren heel veel dagen. Goede en minder goede. Verdeeld over de afgelopen vijf jaar.

Er waren de dagen waarop ik “Shrill: Notes from a loud woman” las (lees het, lees het, lees het!), en daarna zo goed als alles van Lindy West, en haar wilde high fiven bij elke heerlijke selfie die ze postte op Instagram.  Er waren de dagen waarop ik ineens ging zwemmen in zee zonder dat ik verdronk van schaamte over mijn cellulitis. Nadat ik jaren alleen nog maar had gedroomd van zwemmen, omdat de gedachte aan mezelf op de wereld loslaten in badpak me tot complete wanhoop dreef. Er waren de momenten waarop ik op een feestje was en dacht: “Mo, ik voel me niet beschaamd om hoe ik eruit zie. En ik heb niet eens gedronken.”

Als ik nadenk over hoe ik me vele jaren heb gevoeld over mezelf, dan kan ik wel janken. Het ergste was niet dat er kerels waren die het altijd wel oké vonden om met mij te konkelfoezen, zo lang hun vrienden het maar niet wisten want hoe beschamend zou dat niet zijn, gespot worden met een dikke vrouw als ik? Het ergste was dat ik hen snapte. Dat ik me schaamde omdat zij zich voor mij moesten schamen. Dan zit je ver, besef ik nu. Het was niet het ergste, dat ik op straat werd nageroepen, maar wel dat ik dat eigenlijk maar normaal vond. Ik was dan ook beschamend degoutant in omvang. Wat had ik gewild? Het ergste was dat ik veel ergere dingen over mezelf dacht dan wat naar me werd geroepen. Geloof me, dan zit je ver.

Als ik lees en zie hoeveel leuke vrouwen en mannen zichzelf dag in dag uit afmaken omdat ze niet lijken op het beeld waar ze volgens de media aan moeten voldoen, dan moet ik weinig moeite doen om te wenen. Dan denk ik aan mijn zoon en mijn dochter, en dat ik dat niet wil. Dan denk ik dat ik wil dat ze zichzelf zien zoals ik hen zie: als de fantastische mensen die ze zijn.

IMG_7700

Thuis loop ik rond in korte broeken die tonen dat ik mijn levenslange lidkaart van team cellulitis en de chub rub club heb verdiend. Omdat het warm is, en vooral: omdat ik gestopt ben met me daarvoor te schamen. Ik loop ook zo rond, omdat ik wou dat ik in mijn eigen kindertijd meer echte lichamen had gezien van mensen die zich niet schaamden. Mijn moeder vond zichzelf openlijk te dik, ook al was ze veel slanker dan ik ooit zal zijn. Als ik daaraan terugdenk kan ik wel wenen, wetende dat ze daar heel wat kostbare jaren heeft aan gegeven voor ze zo ziek werd dat ze in sneltempo afviel en zei: “ik ben blij dat ik niet juist veel was vermagerd, of er schoot helemaal niks meer van me over”.

IMG_7514

Ik steek mezelf niet weg omdat ik eigenlijk niet goed meer weet waarom. Mijn kinderen moeten zien dat de boekjes maar een klein stuk van de realiteit tonen. Als zij het niet tonen, dan is het maar mijn taak en die van hun opvoeders om nuance te brengen in dat verhaal. Om te tonen dat er lichamen zijn die dik zijn, en dun, en gehandicapt, en lang, kort, behaard, sterk, ziek en in een hoop kleuren. Om hen te leren dat die lichamen misschien niet zijn zoals de media het op dit moment voorschrijft, maar dat dat niet wil zeggen dat de eigenaars ervan zich moeten schamen. Dat dat niet impliceert dat zij zich kapot moeten zweten in de zomer omdat ze hun dikke armen en benen niet durven tonen. Been there, done that, bought the t-shirt met lange mouwen.

Denk er eens over na: hoe vaak zie je vetrollen en armfilets en cellulitis als je de reguliere media volgt? En dan niet in een context van: hoe krijg je dat hier zo rap mogelijk weg, want beschamend? Zelfs in 2017 is het nog steeds zo dat alles oké is, zolang het maar keihard wordt weggestopt.

Is het voor mij nu makkelijker praten, omdat ik me volgens sommigen heb geplooid naar bepaalde maatstaven door tien jaar geleden voor een maagverkleining te kiezen? Ik zie het in elk geval helemaal anders.

Ik ben mezelf niet graag gaan zien omdat ik een bepaald gewicht heb bereikt. Ik heb op dit moment een BMI van rond de 30, met wat zagen en zoeken vind je een chirurg in dit land die snapt dat je zo niet verder kunt leven en dus een maagverkleining kunt gebruiken. Ik snap dat mensen zwaar ongelukkig zouden kunnen worden als ze het lichaam hadden dat ik nu heb. Ik heb dikke billen en een dikke kont, en als ik enthousiast naar u zwaai zwaaien de kipfilets onder mijn armen enthousiast mee. Ik heb een grotere kledingmaat dan een jaar na mijn maagverkleining, toen ik bedolven werd onder de complimentjes omdat ik zo slank was geworden en ik alleen maar dacht: eindelijk ben ik goed genoeg om graag gezien te kunnen worden. Om daarna te beseffen dat ik nog exact dezelfde Kelly was die met een reden dik was geworden, en dat al die gevoelens er nog altijd zaten. Alleen werd ik vanaf die maagverkleining ziek als ik mezelf wilde troosten met eten. Het zag eruit als een overwinning, maar ik besef nu dat ik toen nog altijd niet gelukkig was. Dat dat ook niet anders kon.

Ik moest eerst crashen. En dan nog eens. Zo hard dat ik antidepressiva kreeg aangeboden, en toch eens checkte of therapie een optie kon zijn. Pas toen is alles beginnen kantelen. 

Ik heb mezelf eerst graag moeten leren zien zoals ik ben, eerder vanbinnen dan vanbuiten, om blij te zijn met wie ik nu in de spiegel zie. Ik besef nu pas dat je nooit een gewicht kunt bereiken waarop je je wel gelukkig voelt als je jezelf niet graag ziet. Als je afhangt van complimenten van anderen om je goed te voelen, dan kan een negatieve opmerking er ook voor zorgen dat je met maatje 36 en al in een diepe put valt. En we zijn allemaal mensen, dus die negatieve opmerkingen zullen er ook altijd zijn. Het verschil is dat ik ze niet meer per definitie voor waarheid aanneem. Dat ik bij het dragen van een jurkje waaronder mijn imperfecte knieën zichtbaar zijn niet verschrikt rondkijk of niemand me dat gegeven naroept, om dan vol schaamte naar binnen te lopen omdat ik dacht dat ik dat aankon. No more. Echt, roep maar.

Ik zie mijn gewicht voor het eerst in jaren zonder gigantische moeite zakken, traag maar zeker, en dat is niet omdat ik een magisch dieet heb ontdekt. Dat is enkel en alleen omdat ik niet langer walg van mezelf. Omdat ik die walging niet meer moet wegeten en drinken leef ik plots gezonder dan ooit. Het lijkt de ironie van het lot, dat ik er nog nooit minder mee bezig ben geweest dan nu, en nog nooit minder moeite heb moeten doen om gezond te leven.

Ik denk dat ik voor het eerst in mijn leven niet het gevoel heb dat wat ik nu ben tijdelijk is, onderweg naar beter. Ik ben al goed. Mijn dochter vindt mijn vetrollen de max om op te liggen, en ik heb een man die mij net zo graag zag toen ik vijftig kilo meer woog. I’m good. Eindelijk.

IMG_8081

Het hangt aan elkaar vast. Ik zorg voor mezelf omdat ik mezelf graag zie. Het is niet perfect, mijn haar is al heel lang niet meer gekleurd en ik moet al weken naar de kapper maar weet om allerhande redenen even geen moment te vinden om daar tijd voor te maken. Het grote verschil: vroeger had ik in de spiegel gekeken en de conclusie getrokken dat ik een sloor was die zichzelf niet eens deftig kon verzorgen. Dat mijn man het nog uithield met iemand als ik, ik had het niet gesnapt. Nu denk ik: die grijze haren zijn zo lelijk niet, en binnen een paar weken lukt het vast wel eens. Ik heb nu gewoon even een drukke periode. En dan? En meer heeft mijn grijzere, warrigere kapsel eigenlijk niet te vertellen over wie ik ben en waar ik voor sta. Ook als ik beslis om het niet langer te kleuren. Ook een valabele optie.

De kans is lang niet onbestaande dat er periodes in mijn leven zullen zijn waarop ik weer wat zwaarder ben. Ik ben mijn doodsangst kwijt, denk ik. Want ook dan ben ik goed genoeg.

Zeg eens dat ik dat nooit, maar dan ook nooit meer mag vergeten.
Het was een lange weg, maar ik ben hier graag.

(beluister aub deze podcast)
(hij is geweldig in so many ways, juist gelijk gij. En ik.)

zeven dingen die ik niet wist voor ik mijn maag liet verkleinen

zevendingenmaagverkleining2Tien jaar geleden is het vandaag, de dag waarop ik het ziekenhuis binnen ging om te ondergaan wat op dat moment niet langer uit te stellen viel. Morgen is het dag op dag tien jaar geleden dat ik uit narcose kwam met een omgebouwd spijsverteringsstelsel. Het is onwerkelijk, en ook nog steeds gek om aan terug te denken. Aan hoe diep ongelukkig en verslagen ik was, in de maanden voor ik de beslissing nam die mijn leven zou veranderen. Aan hoe kalm en zen ik werd eens de beslissing was genomen, omdat er eindelijk, na een gevecht dat mijn volledige leven leek te beslaan, een oplossing in zicht leek. En er honderd kilo van mijn schouders viel. Pun intended. Ik zal niet al jullie vragen van onder de vorige post kunnen beantwoorden in deze post, al zal ik mijn best doen, maar ik beloof nog een afsluitende post binnenkort, waarin ik op de meeste zaken die jullie nog wilden weten zal ingaan. Niet allemaal, omdat sommige dingen te persoonlijk zijn, of in mijn ogen minder relevant voor het grote verhaal.

zevendingen_maagverkleining

In elk geval.

Dit zijn zeven dingen die ik niet wist voor ik mijn maag liet verkleinen:

* dat het leven een pak makkelijker is zonder vooroordelen

Had je me voor mijn maagverkleining verteld dat sommige kansen mij ontnomen werden door mijn overgewicht, dan had ik daar eens mee gelachen. Dat ik bepaalde jobs niet kreeg had volgens mij niks met mijn uiterlijk te maken, wel met het feit dat iemand anders gewoon beter was dan ik. Dacht ik dus, tot één van mijn opdrachtgevers (hij weet wie hij is) een dikke foto van mij onder ogen kreeg en zei: “Ik weet dat het fout is, maar als je zo was geweest toen ik je leerde kennen had ik je nooit aangenomen.” Met de nadruk op ‘zo’. “Ik zou geconcludeerd hebben dat je lui was”, voegde hij eraan toe, “labiel ook, en niet in staat om je gewicht onder controle te krijgen, laat staan je leven of je job.” Als dat het geval was, dan was ik nu nog minstens even labiel en lui en niet in staat om mijn leven of job naar behoren uit te voeren, zei ik hem toen. Je opereert een obesitaspatiënt immers onder het middenrif, en niet tussen de oren. Ik besef nu wel dat het feit dat ik een ongelooflijke pleaser ben geworden ook te maken heeft gehad met mijn gewicht. Ik zal maar goed mijn best doen, en niet te veel pruttelen of zagen, want ik ben al dik, en mag eigenlijk content zijn dat ik de job überhaupt mag doen. Ik zal maar niet te veel praten want dan zien ze dat ik dik ben. Als ik mijn mening laat gelden, dan roept er vast iemand “dikzak” naar mijn hoofd. Als iemand me ziet, dan zien ze ineens hoe dik ik ben. Alles is goed voor mij, en sorry dat ik zo degoutant dik ben. Baha en boehoe. Met ouder worden gaat dat er gelukkig ook beetje bij beetje weer uit.

* hoe minder plaats je inneemt, hoe zichtbaarder je wordt

Voor mannen bijvoorbeeld, en op je werk, en in heel wat andere situaties waarin je plots niet meer over het hoofd wordt gezien. Nagefloten worden door bouwvakkers of aangesproken worden op café, dat overkwam mij zelden of nooit voor mijn operatie. Als er op kantoor iets werd gevraagd over de teamsportdag of om iets te organiseren, dan werd het dikke meisje toch vaak overgeslagen. Ik heb gemerkt dat je als dik meisje vooral zichtbaar bent als je ergens iets aan het eten bent. Als ik heel het terras naar me zag kijken terwijl ik ergens een croque monsieur zat te eten, met een blik van ‘zou je niet beter stoppen met eten, je bent al dik genoeg’, had ik altijd zin om een bordje op te houden met “Dikke mensen moeten ook eten. Anders gaan ze dood.”

* dat het leven zoveel zorgelozer kan zijn

Alles was moeilijk toen ik dik was: als we een terrasje gingen doen met collega’s was ik bang dat mijn achterwerk niet in de rieten terrasstoeltjes zou passen. Was er een verrassingsuitstapje, dan vreesde ik voor een death ride, muur moeten klimmen, karten of iets anders waarvan ik met een rood hoofd zou moeten zeggen dat ik niet kon meedoen, doordat ik te dik was. Moest ik een studentenjob doen, en zag ik alle andere jongeren moeiteloos hun fabrieksuniform aantrekken, dan was ik diegene die na twintig minuten zweten en alle maten uitproberen moest toegeven dat zelfs de grootste mannenmaat een verloren zaak was. En dat hadden ze dan meestal in al hun jaren jobstudenten nog nooit meegemaakt, dus hoe schaamtelijk ver was het dan wel niet met mij gekomen? Letterlijk alles wordt een probleem als je broekmaat 52-54 hebt. Zelfs leuke dingen, zoals winkelen met vriendinnen of naar de sauna. Omdat je het altijd met jezelf moet doen, en je gewicht nooit even af kunt leggen.

* dat je het meisje wel minder dik kan maken, maar het vanbinnen altijd een dik meisje blijft

Je mag dan wel ineens een pak slanker worden, twintig jaar van zwaarlijvigheid wis je niet zomaar uit je hoofd. Niet alleen voel ik me nu nog dikwijls dikker dan ik ben, ik zal ook nooit vergeten hoe mensen naar je kunnen kijken omwille van je overgewicht. Alsof je een vieze ziekte hebt, of eruit ziet als een afgrijselijk monster. En dat het je eigen schuld is, moest je maar wat minder eten. Fijn was het niet, maar mijn ervaringen hebben me wel gewapend. Als er iemand rond me komt hangen waarvan ik weet dat die tien jaar geleden niet eens in dezelfde ruimte als ik gespot had willen worden, dan valt het me bijzonder makkelijk om nu zelf de andere kant op te kijken.

* dat mensen weinig begrip hebben voor maagverkleiningen en gewichtsproblemen

Soms doen vragen me nog altijd pijn, merk ik. Of misschien eerder de manier waarop die worden geformuleerd, want iedereen mag mij in principe alles vragen. Het zijn de vragen als “Hoe heb je het in godsnaam zo ver kunnen laten komen?”. De vragen die in mijn hoofd impliceren dat ik iets verkeerds gedaan moet hebben, terwijl ik gewoon het product ben van mijn genen, opvoeding en ervaringen die op mijn pad zijn gekomen. Het is soms hard om aan te voelen dat ik nog steeds word veroordeeld, alsof ik een moord heb gepleegd of iets vreselijk beschamend heb gedaan. “Als het allemaal zo moeilijk blijft, ook na een maagverkleining, had je dan niet beter gewoon minder gegeten en gesport?” is er nog zo een die pijn doet. Ik besef dat de vraagsteller -doordat die nooit mijn pad heeft bewandeld en zich niet kan inbeelden hoe zwaar die wandeling moet geweest zijn- oprecht niet kan begrijpen hoe het allemaal mogelijk is. En dus ergens diep vanbinnen denkt dat ik dan wel een freak moet zijn. Zo iemand die maar opdoet, zonder na te denken over de implicaties. Dat ik zo iemand ben die zich laat gaan. Vier keer een bord opschept en nog niet genoeg heeft. Na een tijd ben je het moe om jezelf te verdedigen, en leg je je erbij neer dat dat is wie je als hele dikke vrouw bent, in de ogen van “de mensen”. Lelijk. Labiel. Geen karakter. Lui. Vies. Na een tijd ga je dat zelf ook geloven. Ik woog 72 kilogram toen ik mijn plechtige communie deed, en ik ben een heel kleintje. Ik kan daar een hele uitleg over geven, maar daar heb ik geen zin in. Ik wil alleen zeggen: zoiets gebeurt niet zomaar. De meeste dingen gebeuren niet zomaar, en de meeste zaken zijn niet zo simpel als reacties van toevallige omstaanders doen vermoeden. En ja, dat kan allemaal nog steeds nijpen en wringen, merk ik. Deel van het verwerkingsproces, waarschijnlijk, en ik ben al lang blij dat ik nu wel voor mezelf weet dat ik geen mislukkeling ben door mijn verleden als heel dik meisje. Integendeel. Ik vind dat ik een zeer indrukwekkende weg heb afgelegd, en ik ben daar bijzonder trots op. Steeds trotser, ook.

Medemenselijkheid is zo belangrijk in dit verhaal. Daarom zat ik ook ineens te janken toen de obesitasdokter in Topdokters niet zoals zovelen een negatief oordeel velde over het meisje van 25 dat doodverlegen 125 kilogram zat te wegen in zijn kabinet, maar achteraf tegen de camera zei dat hij zo trots was op dat meisje. Waterlanders, maat, en nog geen beetje. Er zijn weinig mensen die trots zijn op dikke meisjes van 25, en zijzelf meestal nog het minst van allemaal. Net daarom was het zo ongelooflijk mooi, van dokter Lannoo.

* dat je leven niet perfect wordt als je een normale broekmaat hebt

Voor mijn operatie dacht ik dat er engelenkoren zouden nederdalen op de dag dat ik minder dan tachtig kilogram zou wegen. Ik had me nooit kunnen voorstellen dat ik die dag in een ziekenhuis zou zitten met mijn zevenenveertigjarige mama die terminaal ziek was. Om maar te zeggen: mijn leven is niet perfect geworden door af te vallen, maar dankzij mijn operatie was mijn gewicht niet nog eens een extra probleem in de periode dat mijn mama ziek was. En dat is het nu ook niet. Ik ben nog steeds niet slank, en soms droom ik van een maatje 36, maar eerlijk: dat er soms maanden voorbij gaan zonder dat ik de wanhoop nabij ben omdat ik mijn gewicht totaal niet meer onder controle krijg, dat is eigenlijk nog het allermooiste cadeau dat ik gekregen heb van mijn chirurg.

* dat het een blijvend gevecht is met eten en kilo’s

Eerlijk? De angst om ooit weer zo dik te worden als ik was zal me altijd blijven achtervolgen in mijn dromen. Ik, die toen ik dik was altijd alles kapot minimaliseerde en beweerde dat het allemaal wel meeviel, wil echt nooit meer terug naar toen. Hoe meer tijd er tussen nu en de operatie zit, hoe meer ik begin te vergeten waarom het destijds mijn enige optie was. Maar af en toe zie ik nog eens een jong meisje lopen dat even dik is als ik was, of kom ik een foto tegen van mezelf in mijn dikste periode. Dan voel ik plots weer heel even de totale wanhoop die ik toen voelde. Die van ’s morgens wakker worden en denken: alles dat ik vandaag moet doen zal ik doen als dikke vrouw. Het gevoel van rond te kijken in een grote ruimte, en beseffen dat je dubbel zo dik bent als alle andere mensen. Op een bus stappen, en de andere passagiers verschrikt zien kijken en hopen dat die dikke niet naast hen zal komen zitten en al hun plaats innemen.

Het blijft ook een groeiproces. Toen ik mijn laagste gewicht bereikte was er maar een grote complicatie: dat ik mezelf nog steeds niet graag zag. Dat is doodjammer, maar jezelf graag leren zien is ook vreselijk moeilijk als je van kindsbeen af hebt gehoord dat je niet mooi bent, en altijd iets dat niet goed is. Te dik. Te lelijk. Te brutaal. Te verlegen. Te jongensachtig. Er is veel hard werk nodig om dat ook maar een beetje te doen keren. Maar dat werk heb ik de laatste jaren wel gedaan, in de vorm van therapie die in mijn ogen best wel mee in het pakket zou mogen zitten, bij veel obesitasoperaties. Als ik eens de tijd vind, dan wil ik het heel graag eens hebben over jezelf graag leren zien. Herinner me daar eens aan binnen een paar weken, want hell, wat heb ik daar ondertussen een weg in afgelegd en wat is die weg tegelijk nog lang.

Maar goed, lang verhaal kort. Ik wil niet meer terug. Al was het maar omdat ik nooit meer gedwongen wil worden om te veel geld neer te tellen voor een lelijke legging met een katjesmotief op, omdat dat nu eenmaal de enige legging is die ze hebben in maat 52-54.

Nooit meer.

lilith doet al een maand van 5:2

IMG_8095Ik heb hier al een paar keer vermeld dat ik mezelf en mijn lichaam heb onderworpen aan het 5:2 dieet. Weer zo’n dieethype van mijn voeten, hoor ik u denken, en ik snap dat want ik dacht dat ook. Er waren geen plannen om ooit nog een dieet te volgen, want ik vind diëten per definitie stom, maar dat was tot ik deze documentaire van de BBC bekeek. Toen kwam ik tot de conclusie dat het eigenlijk niet echt een dieet is, maar een filosofie. Aan filosofieën doe ik nog wel, al helemaal als mijn gat er wat minder dik van wordt.

Lang verhaal kort: wie geïnteresseerd is in een manier van leven die ervoor zorgt dat hij gezonder en naar alle waarschijnlijkheid ook slanker zal worden moet even de moeite nemen om de documentaire te bekijken. Daarna snap je het helemaal, en is er eigenlijk nog weinig aan. Ik ben trouwens lang niet de enige in de Vlaamse blogosfeer die ermee bezig is. Sofie blogde er al twee keer over, en verwacht u binnenkort maar aan een paar enthousiaste posts van enkele blogcoryfeeën. Die plots opvallend strakker in hun bloggend vel zitten. EN MEER ZEG IK NIET.

Het 5:2 dieet komt er kort gezegd op neer dat je je lichaam tijd geeft om te bekomen van je bacchanalen door af en toe eens de rem op te zetten. Het handigste is om dat elke week twee dagen te doen, en de andere vijf “gewoon” te eten. Gewoon als in “ge moogt al eens een glas wijn of twee”, of “eet gerust een boterhammeke met choco”, of “als uw collega cake heeft gebakken voor haar verjaardag, dan moet ge niet met een zuur gezicht in de pak rijstkoeken op uw bureau zitten graaien”. Niet als: maak u elke avond een sandwich zoals Elvis Presley ze graag at. Allez, dat mag dus ook, maar dan gaat het hele afvalproces wel wat trager verlopen.

IMG_9030

Ik heb eens een collage gemaakt van wat ik zoal eet, vooral ’s middags dan. Het is eigenlijk een mix van 5:2 en low carb slash paleo slash pascale naessens slash hemsley + hemsley, en voor mij werkt het. Op vastendagen eet ik vijfhonderd calorieën of minder (soms ook meer, maar zoals een groot filosoof ooit zei: beter zevenhonderd calorieën dan drieduizend), op de andere let ik op maar ook niet om te zeggen extreem. Zaterdag kwam vriendin J. koffie drinken en at ik gretig mee van de koekjes en heb ik geen neen gezegd tegen mijn eigen wijn. Het heeft geen effect gehad op het resultaat op de weegschaal.

Ik ben er niet zozeer enthousiast over omdat je ervan afvalt, eigenlijk. Dat doe je met alle caloriebeperkende levenswijzes, dus daar is echt niks speciaals aan. Het grote verschil met dit systeem is dat je het volhoudt. Alle artikels als deze ten spijt: ja, natuurlijk is elke dag op uw eten letten zeker even goed of misschien een tikje beter, maar weten we niet allemaal dat dat niet of amper vol te houden is door de meeste persoonlijkheidstypes? Mocht het zo simpel zijn, dan was iedereen slank en sportief, hln.be. Ik denk niet dat dat niveau kernfysica is. Awel, bij mij lukt het tot nu toe prima om elke week twee dagen in te plannen waarop ik superflink ben. Meestal op maandag en donderdag, maar ik ben flexibel. Ik ken mensen en bloggers die het al een jaar met veel succes doen, en nochtans niet bekend staan om hun karakter als er chipkes en een fles wijn in de buurt zijn. (EN IK KIJK NAAR NIEMAND IN HET BIJZONDER, LIEN B.)

Wat helpt om het vol te houden?

het concept maaltijd anders zien. De tijd dat er bij een maaltijd pasta, aardappel of rijst moest zijn is eindelijk voorbij in mijn hoofd. Een slaatje is bijvoorbeeld nooit meer met iets van koolhydraten bij. Mijn recept is altijd: geweldig veel groenten met iets van proteïnen. Een stukje vis, kip of een ei, bijvoorbeeld. Iets dat vult. Daar mogen ook zaadjes (yum, geroosterde sesam) of noten bij. En een dressing. Ik weet het, dat is niet zo gezond, maar ik ga uit van het principe dat een slaatje met dressing gezonder is dan een big mac. Perfectie is de party pooper van alles, dus daar doe ik echt niet meer aan mee.

kiezen voor gemak. Ik heb echt niet altijd tijd om groenten te staan snijden, maar meestal wel om een zak voorgesneden groentjes van de AH in een wok te gooien. En dus zorg ik dat ik er altijd een stuk of twee in mijn koelkast zitten heb. Net als spinazie, goed voor in een slaatje maar ook om snel te wokken met wat gemarineerde zalm. Ik heb dus ook altijd blokjes zalm in mijn diepvries zitten, en zakjes wokvis en scampi.

plannen. Op vastendagen weet ik altijd wat ik ga eten, en ik ben aan het proberen om er nog meer voorspelbaarheid in te krijgen. Volgens mij is het makkelijker om voor jezelf uit te maken dat je op vastendagen vijf appels en drie rijstkoeken eet dan elke keer weer te moeten tellen en nadenken. Ik vind het vermoeiend om elke keer weer het warm water te moeten uitvinden als ik eigenlijk gewoon honger heb en wil eten. Het zou nog simpeler zijn als er gewoon gewoonte inzat en ik mindless alles kon klaarleggen ’s morgens.

focussen op wat wel nog mag. Koffie is weinig calorieën. En koffie is best lekker. Net als zelfgemaakte soep.

bewustwording. Beseffen dat er overal calorieën in zitten, ook in fruit en groenten die ge vroeger niet moest tellen bij bepaalde diëten. Nu eet ik plots halve appels en bananen, en neen, dat is geen waanzin, maar je zou verschieten wat je binnenspeelt als je een gigantische kom fruitsla met yoghurt en granola binnen lepelt. Die bewustwording blijft spelen als ik niet-vastendagen heb. Dan ga ik mezelf ook plots niet meer volproppen met brood en chips, merk ik, want ik heb te veel inspanningen gedaan op vastendag om alles teniet te doen.

IMG_8976

De eerste resultaten zijn ondertussen binnen: min 4,2 kilogram op een maand tijd. Daar ben ik echt zeer tevreden mee. Mind you: ik ben ook wel regelmatig gaan sporten (lopen of fitnessen), dus ook dat zal wel geholpen hebben. 5:2 is op dat vlak geen quick fix: gemiddeld val je een halve kilo af per week. Ik voel me zeer goed, en vooral: ik heb voor het eerst in honderd jaar het gevoel dat ik iets doe dat ik perfect kan volhouden. Twee dagen in de week wat beter opletten dan anders is zeer haalbaar. Als ik het beu ben, dan denk ik “morgen mag ik weer een boterham met choco, of een spaghetti bolognaise”. Als ik eens een glas wijn drink (of drie), dan doe ik mezelf daarvoor niet dood onder het motto “zie je wel dat ik het niet kan? Ik ben met voorsprong de grootste loser ooit!”, ik zorg er gewoon voor dat ik dat doe op de gewone dagen, en dat mag, want het is een gewone dag en ik haal dat wel weer in op vastendag. Heb je vakantie, dan doe je gewoon een week niet mee, of doe je 6:1. Wil je daarna dat het weer wat sneller gaat, dan doe je 4:3. Nooit gedacht dat wiskunde me nog zo zou boeien.

Iemand van mijn lezers die er al mee bezig is? Ik ben benieuwd naar ervaringen, tips voor de vastendagen en andere reacties. Nog eens merci voor alle hartverwarmende reacties op mijn vorige posts, trouwens, dat was echt zeer fijn!

De maagverkleining: hoe is het nu?

kellymaagverkleiningvoor4

Allemaal goed en wel, maar zijn er al resultaten bekend van mensen die tien jaar verder zijn? Hoe zal ze zich voelen over vijftien jaar? En nog later?“. Ook toen ik 130 kilo woog en mezelf alles behalve lovable vond zat Youri naast me, bij elke stap die gezet moest worden. Toen ik stilletjes overwoog om iemand van een obesitascentrum te gaan interviewen over maagverkleiningen, en stiekem hoopte dat ik die dag de moed zou hebben om aan het einde van het interview aan te geven dat ik misschien eventueel ook wel op intakegesprek wou komen. Toen ik voor de eerste keer bij de chirurg mocht komen die misschien de operatie zou uitvoeren was hij diegene die alle slimme vragen stelde, zoals die hierboven. Niet omdat hij niet wilde dat ik me liet opereren, en ook niet omdat hij dat wel wilde. Wel omdat hij me verzekerde dat hij me zou volgen in elk verhaal dat ik koos. Maar dan wilde hij wel zeker weten dat ik in goede handen was. Ik natuurlijk ook, maar wanhoop is een slechte raadgever, en dus was ik vreselijk dankbaar voor elke vraag die hij stelde.

langgeleden.jpg

In 2006 waren er wel wat resultaten bekend van mensen die jaren eerder een gastric bypass hadden laten uitvoeren, al was de operatie toen relatief nieuw in België en kwamen die resultaten dus meestal uit het buitenland. We kregen te horen dat in de toekomst kijken moeilijk was, maar dat de chirurg er met zijn expertise van uit ging dat mijn levenskwaliteit met gastric bypass tien jaar later drastisch beter zou zijn dan als ik alles op zijn beloop liet. De kans dat ik mijn overgewicht blijvend zelf naar beneden kreeg was miniem, en dus was dit mijn beste optie als ik niet ten prooi wilde vallen aan hoge bloeddruk, diabetes, problemen met mijn gewrichten en andere ziektes die mensen met morbide obesitas kunnen krijgen. Ik weet nog dat ik vroeg of ik ooit nog zwanger zou kunnen worden (“nog beter dan je kansen nu, overgewicht is vaak een drama voor de vruchtbaarheid”) en dat toen zag als iets voor de verre, verre toekomst. Ik moest toen immers nog vijfentwintig worden. We kregen alle mogelijke complicaties uitgelegd, en namen de beslissing om ervoor te gaan. Ook al wilden we toen niks liever dan tien jaar verder kunnen kijken, dat kon niet.

kellymaagverkleiningvoor3

Vandaag kan ik dat wel.
Tien jaar verder, en ik ben tevreden met wat ik zie.
Dat heeft deels te maken met de nuchterheid van mijn chirurg, en het feit dat hij me nooit gouden bergen heeft beloofd. “Als je weet af te vallen tot 90 kilo dan zal ik de operatie zien als geslaagd“, zei hij steeds. “Ik denk niet in termen als ‘maat 38’, dat is een esthetische norm die in mijn vakgebied niet belangrijk is. Ik wil jou richting een zo gezond mogelijk BMI krijgen, maar verwacht asjeblieft geen wonderen. Wil je graag minder dan 90 wegen, dan zul je daar zelf extra inspanningen voor moeten leveren, en zoals je weet is dat niet altijd makkelijk“. Daarna werd me ook uitgelegd dat patiënten doorgaans zakken tot een laagste gewicht en daarna tien procent van het afgevallen gewicht weer bijkomen.

Toen ik 130 kilo woog leek 90 kilo me een droom. Mijn gewicht zakte tot 90, en uiteindelijk zelfs tot 75 kilo. Plus die tien procent werd dat uiteindelijk tachtig kilo. Daar was ik zeer tevreden mee. Nog steeds een BMI van 29, en dus niet binnen de normale range, maar laat ons vooral niet vergeten dat ik van 47 en morbide obesitas kwam. Ik kan dat trouwens uitleggen. Al weet ik nog niet of ik dat hier ook zal doen. In elk geval: mijn chirurg was zeer tevreden over het resultaat, en ik ook.

gisteren.jpg

En ja, het was ingrijpend. Natuurlijk was het dat, maar dat wist ik op voorhand. Het woord “gemakkelijkheidsoplossing” behoort enkel tot het vocabulaire van mensen die in deze niet goed weten waarover ze het hebben, kan ik u verzekeren. Maar dat gegeven alleen is eigenlijk nog een aparte blogpost waard. In het begin kreeg ik geen half boterhammetje op. De eerste weken moest ik al mijn eten pureren, wat een behoorlijk degoutante culinaire ervaring was. Op restaurant gaan was heel lang niet simpel, omdat ik altijd borden terug moest sturen die bijna onaangeroerd leken. “Was het niet lekker?” is het zinnetje dat ik het vaakst heb gehoord. Maar ik weigerde om niet meer te gaan eten, dus het hoorde erbij. Net als het feit dat ik mijn neus ophaalde voor al wat zoet was. Van zoet en vet kreeg ik immers vreselijke dumpings, een reactie van mijn lichaam die ervoor zorgde dat ik groen en kotsmisselijk in de zetel lag. Als ik een dessert at, dan was het dus kaas. Maar meestal was er in mijn maag compleet geen plaats voor dessert, dus dat maakte de keuze nog makkelijker.

Ik ben er lang in geslaagd om mijn porties zo klein te houden. Omdat ik de verhalen kende van mensen die erin slaagden om hun maag systematisch op te rekken door altijd wat te veel te eten, met als gevolg dat een nieuwe operatie zich opdrong. Dat wilde ik koste wat het kost vermijden. Maar met het verstrijken der jaren merkte ik dat ik toch beetje per beetje meer kon eten. Soms zorgde dat voor pure paniek: het werkte niet meer, ik had het kapot gemaakt! En toen werd ik ook nog zwanger van Dexter, en kwamen er kilo’s bij en was er weer paniek. Ik wilde niet weer dik worden, en al werd me verzekerd dat ook mensen met een maagverkleining gewoon bijkwamen tijdens een zwangerschap, daar bleken toch nog enkele onverwerkte trauma’s te zitten. (ik ben trouwens gedurende heel mijn zwangerschap opgevolgd door een endocrinoloog om zeker te zijn dat ik en mijn kind voldoende voedingsstoffen binnen kregen)

voorna2013.jpg

De dag voor Dexter geboren werd woog ik 95 kilo, twintig kilo meer dan het laagste gewicht dat ik enkele jaren eerder had weten te bereiken. Ik ben toen gezakt tot 76 kilo in 2013, zie ik in mijn statistieken, dat was ik precies vergeten maar amai, dat vind ik wel indrukwekkend van mezelf. Volgens mij was ik toen volle bak aan het lopen. Maar toen kreeg ik last van blessures en metaalmoeheid, en langzaam maar zeker ging mijn gewicht weer omhoog tot 85 kilogram. Tot ik zwanger werd van Flo, en ik aan het einde van die zwangerschap afklokte op 97 kilogram. Gevaarlijk dicht bij de honderd, dus daar wilde ik zo snel mogelijk iets aan doen. Daar ben ik hard mee bezig, en ondertussen is er acht kilo af en staat er weer een acht vooraan. Iets waar serieuze inspanningen voor geleverd moeten worden, ik kan het u verzekeren, maar daarover later meer. En ja, ge kunt zeggen: amai, ge weegt nu vijftien kilo meer dan een paar jaar geleden. Maar ik denk dan: nog altijd veertig kilo minder dan in 2006, en ik ben niet van plan om weer die richting uit te gaan dus chill.

Zijn er complicaties geweest?

Ja, waaronder een behoorlijk grote, heb ik pas achteraf beseft. Enkele jaren geleden werd ik ’s nachts wakker met onbeschrijflijke pijn aan mijn buik. Ik dacht aan nierstenen, maar dat bleek het op spoedgevallen niet te zijn, want zelfs met superzware pijnstilling die bij een eerdere niercrisis hadden geholpen bleef ik tegen het plafond gaan van de pijn. Het bleek een darmobstructie, die werd veroorzaakt door te veel plaats in mijn buikholte waardoor de zaken op twee plaatsen waren beginnen in elkaar draaien. Achteraf hoorde ik dat ik geluk heb gehad, want dat zoiets soms dodelijke gevolgen heeft. Ik kwam er vanaf met een groot litteken en weer een stuk darm minder. En ik had al niet meer veel.

Om de twee maanden heb ik een inspuiting met vitamine B12 nodig, die ik laat zetten door een thuisverpleegster omdat er een stuk darm is weggenomen dat die B12 opneemt, en mijn lichaam het dus niet meer zelf kan. Ik zet die afspraak nog steeds trouw in mijn agenda, en dat is het. Ik wist dat trouwens op voorhand, dus geen klachten. Verder weinig of niks van miserie.

Dit was al een hele brok, besef ik.

Laat me weten in de comments of er nog vragen zijn, en dan verwerk ik de antwoorden in een volgende post.

Wil je graag meer lezen?

Lilith komt het dikke meisje tegen op maagverkleiningsdag (2011).
Hoe het voelt. (2007)
Fat chick goes zen. (de dag voor de operatie in 2006)

lilith en het maagverkleiningsjubileum

kellymaagverkleiningvoor

Vorige week. Ik zat met een half oog naar een opgenomen aflevering van Topdokters te kijken, toen ik haar zag. Ongeveer vijfentwintig, een duizelingwekkend BMI van 46, wat een puntje minder was dan het BMI dat ik op haar leeftijd had. Ze stapte de consultatieruimte van de obesitasarts in onder een aureool van schaamte. Ik zag haar, en ik voelde alles terug. Schaamte, wanhoop, verdriet, de nood om jezelf zo onzichtbaar mogelijk te maken en zeker niemand te schofferen om het risico te beperken dat je dik wordt genoemd. Of varken. Of dik vet ongelooflijk degoutant schaamtelijk varken. Je hoeft het echt niet nog eens van een ander te horen. Je hebt het de afgelopen weken al vaak genoeg over jezelf gedacht.

Alles dat ik zelf voelde toen ik rond haar leeftijd met een bijna identiek lichaam aan een obesitasdokter ging vragen of hij me asjeblieft asjeblieft wilde opereren. Ik zag hoe haar arts haar de risico’s van de operatie uitlegde en hoe zij zei “Ik heb er alles voor over. Het maakt me niet uit”. Die kwam binnen. Hard zelfs. Ik telde in mijn hoofd en kwam tot mijn verbazing tot de vaststelling dat ik exact tien jaar geleden vast identiek dezelfde woorden heb uitgesproken. “Help mij. Asjeblieft. Ik kan het niet meer.”

Het is gek op hoeveel dingen ik de afgelopen jaren heb teruggeblikt op mijn blog, zonder echt terug te blikken op de operatie waarbij ik mijn darmen en maag liet halveren. Terwijl het zo ingrijpend voor mij is geweest, van 130 kilogram naar 75 en dan weer wat naar omhoog, tot nu. Het is zo’n lange weg geweest, niet alleen fysiek maar vooral ook psychologisch. Ik heb er zo veel over te vertellen, besefte ik vorige week, en ik vroeg me af waarom ik dat nog niet heb gedaan. Ik denk niet dat het schaamte is, want ik heb me wel geschaamd over mijn gewicht, maar nooit over mijn keuze om een gastric bypass te laten uitvoeren. Nog steeds vind ik dat een van de moedigste keuzes die ik in mijn leven heb gemaakt.

kellymaagverkleiningvoor2

En dus ga ik de komende weken af en toe eens terug. Terug naar tien jaar geleden, en al de tijd ervoor en erna. Omdat ik niet zou zijn wie ik nu ben zonder wie ik toen was, en diep vanbinnen nog altijd ben.

kwestie van perceptie

body_shop_fat_barbie.jpgTijdens één van mijn eerste dagen op het bedrijf schoof ik aan in de kantine voor een broodje en een kopje soep. Eén van mijn gloednieuwe collega’s checkte mijn maaltijd uit en vroeg of ik beslist had om te beginnen diëten. Ik moest even met mijn ogen knipperen om de vraag goed tot me te laten doordringen. Vooral het woord “beginnen” galmde nogal hard na. Die beginnen betekende dat ik er na vijfenvijftig kilo afvallen nog steeds uitzie alsof er dringend wat kilo’s afmogen. Volgens mijn BMI trouwens ook, want als ik mijn gewicht en lengte invoer op een website die uitrekent hoe obees je bent meldt die doodleuk dat ik een kilo of tien te zwaar ben. And frankly, my dear blogreadertjes, I could not care less.

Sterker nog: ik ben na een uitputtende en compleet imaginaire tocht op een punt gekomen dat ik kan leven met mijn dik gat en dito billen. Dat ik zelfs een beetje medelijden heb met collega’s die slanker zijn dan ik en dag in dag uit doodongelukkig rondlopen omdat hun maat veertig maar niet in een maat achtendertig wil veranderen. Ik geloof dat ik maat 44 heb, en dat kan ook 42 zijn, maar ik kom van 54. En duizend keer belangrijker nog: ik ben er compleet niet meer mee bezig. Dik gat of geen dik gat, ik ben gezond, voel mij doorgans best oke, heb de mogelijkheid om alles te doen dat ik wil doen en ik word niet meer belemmerd door een tegenstribbelend en teveel plaats innemend lichaam. Fat girl says wahey!

Het mag voor 90 procent van de vrouwen compleet geschift lijken, maar ik ben zotcontent met mijn gewicht. Ook al ligt dat dan twintig kilo hoger dan dat van een gemiddeld fotomodel en heb ik in de loop der jaren rondingen ontwikkeld op plaatsen waar je ze niet eens voor mogelijk houdt. Ik vind mezelf helemaal geen worst op poten, ook al ligt mijn BMI op dit moment nog steeds hoger dan dat van Daisy Van Cauwenbergh voor ze doodongelukkig de vermageringsrace inzette richting vijfenvijftig kilo. Ik ben al helemaal blij als ik in een normale H&M een broek uit het rek trek en drie minuten later niet worstelend met een tegenstribbelende rits op de vloer van een paskotje lig, eigenlijk. Vijfenvijftig kilo my ass.

Ben ik gemakkelijker tevreden? Waarschijnlijk wel.
Zal ik de rest van mijn dagen opmerkingen krijgen omdat ik niet voldoe aan de norm en daar zelfs niet eens zin in heb? Het zou me niet verbazen.
Maar hell, zolang mijn dag niet meer afhangt van het cijfer op mijn weegschaal ben ik met voorsprong de gelukkigste fatso van heel fatsoland. En dat moet je verdienen, elke dag.

dingen waar ik me over blijf verbazen

scales.jpg

  • dat ik er zo goed als nooit in slaag om mijn bord leeg te eten, hoe klein dat bord ook is
  • dat ik al bijna vier maanden geen zin meer heb gehad in chocolade
  • dat ik geen appel meer opkrijg
  • dat ik lekkere dingen maar beter niet voor het einde van de maaltijd bewaar, omdat dat einde altijd sneller komt dan ik dacht en onherroepelijk is
  • dat er zoveel suiker zit in dingen waarvan je dat niet verwacht
  • dat ik die suiker absoluut niet mis
  • dat mijn gewicht al elke week gezakt is, zonder uitzondering
  • dat ik nog altijd gestopt ben met roken, zonder enig probleem en alles
  • dat ik binnen minder dan tien kilo weer evenveel weeg als in het zesde middelbaar

[GLEEEDI2006] een sok en een tennisbal

scales.jpgWeinig GLEEEDI-updates de laatste tijd, simpelweg omdat er eigenlijk weinig te vertellen valt.

Het spannende is er een beetje af nu ik zo onderhand weet wat ik wel of niet mag eten om me geen dumping op de nek te halen. Mijn leven lijkt weer als twee druppels water op dat van voor de operatie, met als enige verschil dat ik nog maar zeer weinig eet, en daardoor op het gemakje aan het afvallen ben. En dat ik me niet meer compleet belabberd voel over hoe ik eruit zie, en zelfs complimentjes krijg en blikken van verbazing van mensen die mij al eventjes niet meer hebben gezien.

Ik heb even uitgerekend dat ik, als ik aan dit tempo doorga, tegen nieuwjaar om en bij de 35 kilo zal afgevallen zijn. Als ik niet plots op een gigantisch plateau terechtkom, that is, maar daar kriep ik dan wel weer over. Min vijfendertig kilo, het zou fijn zijn. Het zou nog te dik zijn, maar niet meer “hey, look at that lard ass!”-dik.

Ik laat het op dit moment allemaal een beetje gebeuren. Ik wacht met de wintercollectie induiken omdat ik weet dat ik binnen een maand of twee al weer een kilo of acht minder zal wegen. Ik pas af en toe eens ÈÈn van mijn oude broeken en verbaas me over het feit dat ik er weer zonder problemen en sleuren en trekken in kan. Ik lees voor het eerst modebladen met de gedachte dat ik binnenkort misschien ook al die leuke nieuwigheden aankan, in plaats van aan de zijlijn toe te kijken. Ik maak plannen om volgend jaar op vakantie naar wildwaterparken te trekken en zelfs te zwemmen, wel heb je ooit! En als het allemaal ooit werkelijkheid wordt dan zal mijn operatie het allergrootste cadeau zijn dat ik ooit aan mezelf heb gegeven.

Het enige waar ik lately een beetje mee begin in te zitten is de berichten van andere GBP-ers die na het verlies van al hun kilo’s doodleuk vertellen hoe erg hun borsten zijn gaan hangen. In mijn fantasie heb ik binnen zestig kilo een geweldig lijf met fantastische borsten, geen hangende theezakken. Ik besef wel dat ik er nooit zal uitzien als iemand die al heel haar leven een maat 38 heeft, maar hangborsten? Ik ben vijfentwintig, begod! Toen mijn ex-collega die ongeveer dezelfde leeftijd heeft als ik en zo’n 67 kilogram is afgevallen deze week dan ook nog eens haar borsten beschreef als “een sok met een tennisbal in” heb ik twee nachten niet geslapen. Youri overweegt om alle websites die met gastric bypassen te maken hebben te blokkeren, en gelijk heeft hij. Als het zo zit moet ik het ook allemaal niet meer weten, eigenlijk.

van milestone

cardioloog.jpgMevrouw lilith?

Ik keek op uit mijn Story van vier maanden geleden en recht in de ogen van een dokterachtig type.

“U mag even met me meelopen.”

Onder het oog van een vijftal bejaarde wachtenden stapte ik de wachtzaal uit, in het kielzog van het dokterachtige type dat achteraf maar een assistent bleek te zijn. Doodjammer, want toen de witte deur van de echte dokter openzwaaide stond ik oog in oog met een man die duidelijk iets beters te doen had de dag dat de sympathieke koppen uitgedeeld werden. Oude en norse ogen keken me aan vanuit een gerimpeld hoofd, en ik bedacht me dat de assistent gewoon een lokmiddel was geweest om me het kamertje binnen te krijgen. Als de echte dokter me was komen ophalen zou ik samen met de rest van de wachtzaal gegarandeerd in blinde paniek uit elkaar zijn gestoven.

“Mevrouw lilith?”
Ik knikte.
De dokter zette een leesbril op die hem in ÈÈn twee drie nog norser maakte en begon de brief te lezen die voor hem lag. De brief ging over mij en mijn hoge bloeddruk. Ik probeerde er de sfeer wat in te houden door naar mijn schoenen te staren, maar de stilte zoog alle ambiance uit mijn lijf en leden. Ik mocht vooral niet zenuwachtig worden. Ik moest bewijzen dat mijn hart helemaal in orde was, en mijn bloeddruk enkel hoog was geweest omdat de vorige controledokter mij doodzenuwachtig had gekregen met zijn al even misplaatste norsigheid.

De dokter keek op van de brief.
“U mag plaatsnemen op de weegschaal.”
Als een depressief kalf dat naar de slachtbank werd gebracht wandelde ik richting weegschaal.
De assistent kwam erbij staan met een stagiaire, kwestie van maar genoeg mensen op de hoogte te brengen van mijn lichaamsgewicht. Het cijfer kwam aan als een mokerslag. De stagiaire noteerde het op een blad, en ik beelde me in hoe ze in haar stageverslag mijn gewicht als voorbeeld zou gebruiken voor het probleem van obesitas in deze wereld. Morbide obesitas, om precies te zijn.

Ik was zo van slag dat ik me het cardiogram en de bloeddrukmeting niet eens meer kan herinneren. Als een dikke zombie liep ik de ziekenhuisgang weer in met een brief in mijn handen, niet wetend of ik moest huilen uit schaamte of uit absolute wanhoop.

Dat was een klein jaar geleden. En dat allemaal om te zeggen dat ik vanmorgen exact twintig kilo minder woog dan toen bij de dokter. Zo slecht als ik me toen voelde, zo fantastisch voelde ik me vanmorgen. En dat gevoel pakken ze me de volgende vierentwintig uur alvast niet meer af.

[GLEEEDI2006] the one with the personal trainer

scales.jpgJuicht allen, want mijn lichaam is er op de valreep nog in geslaagd om mij te geven waar ik al een paar weken naar snak: een gewichtsverlies van exact vijftien kilogram. Ik vind het nog steeds ellendig traag, om eerlijk te zijn. Als ik naar mezelf kijk in de spiegel dan zie ik wel een verschil, maar ik ben natuurlijk nog steeds gewoon dik. Komt daar dan nog eens bij dat ik op sommige plaatsen sneller vermager dan op andere, waardoor ik aan mijn heupen plots een inkeping heb die tien centimeter verder weer verandert in een ronding. Met kleren aan is er niets van te merken, maar ik kan wel uren naar het lachertje kijken dat mijn naakte lichaam aan het worden is. En het zal er hopelijk de komende maanden niet op verbeteren.

Wat ik wel merk is dat ik meer afval als ik bijvoorbeeld de vorige dag een fikse strandwandeling heb gemaakt. En dus moet ik toegeven wat ik in mijn hoofd al een paar weken aan het verdringen ben: ik zou hoogst waarschijnlijk een stuk sneller vermageren als ik weer zou gaan fitnessen bij personal trainer Jehan. Ik ben in den tijd gestopt met gaan omdat ik midden in de verbouwingswerken geen tijd had om even een uurtje te gaan crosstrainen, en toen de verbouwingswerken semi-klaar waren heb ik me laten opereren.

Als ik heel eerlijk ben is er nog een reden dat ik gestopt ben met gaan: personal trainer Jehan zelf. In de maanden die volgden op onze inschrijving in het fitnesscentrum maakten wij dieper kennis met deze manspersoon, en ik moet toegeven dat hij niet bepaald een kerel is die ik zou uitnodigen op al mijn feestjes. Jehan is een beetje van het type “ik maak indruk op mijn publiek door te pas en te onpas weetjes uit de EOS van vorige maand te declameren”, en ook nog “als ik een moeilijk woordje kan gebruiken zal ik dat in geen geval laten”. Het gebeurde vaker en vaker dat mamie en ik vanop de hometrainer ongevraagd moesten aanhoren hoe het broeikaseffect precies in elkaar stak, of wat holistische geneeskunde precies inhoudt. Zelden fietsten wij zo hard als die keren, en toch slaagden we er niet in om hem van ons af te schudden. Na een half uur van wetenschappelijk gekletsmajoor verliet hij zijn plekje tussen onze twee hometrainers met een blik van “Hey, dit lichaam is meer dan enkel spieren, dames!”, waarop hij een bandana rond zijn kalende hoofd bond en spinning begon te geven.

Toen ik afhaakte bleef mijn moeder evenwel devoot minstens drie keer per week naar het fitnesscentrum trekken. Jehan bleef maar polsen wanneer ik terug zou komen fitnessen en hoe het kwam dat ik al zo lang afwezig was, en dus maakte mamie er zich vanaf met het geweldige smoesje dat ik geopereerd was aan mijn darmen, wat in wezen waar was. Klein probleempje: toen Jehan de week die volgde opnieuw informeerde naar de operatie en mamie per abuis vertelde over mijn maagoperatie viel ze door de mand. Gevolg: een compleet verbolgen Jehan verliet hoofdschuddend de zaal toen hij bij de vraag of “ik toch geen maagverkleining had laten doen zekers?” een “ja” als antwoord kreeg.

Kijk, ik ben mij ervan bewust dat maagverkleiningen bij het grote publiek zeer uiteenlopende reacties uitlokken, en ik kan dat ergens wel snappen want ik heb dergelijke operaties vroeger ook zwaar veroordeeld. Vroeger, toen ik er nog van overtuigd was dat ik mijn gewichtsverlies zou kunnen houden en voor de rest van mijn leven gezond en slank zou zijn. En natuurlijk snap ik dat personal trainers er rotsvast in geloven dat beweging de oplossing is van alle kwaad. Maar als dat kwaad zestig kilo overtollig vet is is dat toch een ander paar mouwen, heb ik gemerkt toen ik maanden aan een stuk zo hard mijn best heb staan doen op al Jehan zijn fitnessapparaten. Ik heb zeer hard geloofd dat ik met sporten en op mijn eten letten het tij zou doen keren, maar dat is me blijkbaar niet gelukt. So be it, denk ik dan.

Ondanks het feit dat ik hier direct dertig dingen kan opnoemen die me tegenhouden om weer te gaan sporten (de kostprijs, de personal trainer, dat ik er in de winter met de fiets naartoe moet, de vragen, de confronterende spiegels, …) wil ik tegen september weer in een mallotig pakje op de hometrainer zitten.

Ik hoop dat God me de kracht geeft.