Categorie archief: tftc 365

lilith is blij met de babykamer

Er was het moment in de stoffenwinkel, toen ik bijna op mijn rug sloeg van de kostprijs van knalgele gordijnstof. Maar geen tijd had om er al te lang over na te denken, want de stoffenmevrouw die net heel de winkel en haar gigantische stoffenarchief had doorzocht omdat ik al haar gele stofjes te flets vond wilde weten hoe het kind zou gaan heten. Ik kende de stoffenmevrouw helemaal niet, en zei dus “Dat verklap ik niet hoor”, ondanks al de moeite die ze net voor me had gedaan. Waarop ik de namen van haar drie zonen voor de voeten geworpen kreeg, voor het gemak vroeg of ik de knalgele draperiestof met bancontact kon betalen en toen beschaamde kaken leed omdat mijn saldo kei-ontoereikend was. Karma is a bitch, zelfs in gordijnstofwinkels.

Er was die ongelooflijk mooie kleerkast, en de cappuccino die gedronken moest worden in de cafetaria van de meubelwinkel om even met de husband te bespreken of de prijs die eraan vastgekoppeld was wel kon. Hij kon, omdat hij zoooo mooi was, zo kwamen we het overeen na twee cappuccino’s en veel gezucht. En zo stevig dat hij ook was. En perfect, voor de babykamer. Drie dagen later gingen we toch naar IKEA om een kast te halen die meer dan de helft goedkoper was. Want zo zijn we dan wel weer. Voor ons kind alleen het goedkoopste en massaal geproduceerdste.

Er werd geschilderd en er kwamen eindelijk plintjes tegen de muur, en een gele wolkenlamp aan het plafond.

En toen kreeg ik nog een geweldige mobiel van een bloglezeres in Afrika, en zag ik een leuk printje op Etsy, en trakteerde Lien mij op een superleuk zelfgehaakt dekentje dat perfect bij de rest past.

babykamer1.jpg

De beer die Youri als kind had maakt het helemaal af. Allemaal voor een fractie van de prijs van zo’n designerige babykamers waarbij je alles in één keer moet kopen.

babykamer2.jpg

Blij mee.

lilith spreekt zichzelf moed in

“Weet je wat het is?”, zei ik, vanuit de troebele staat waarin mijn hersenmassa zich de laatste dagen ophoudt. Dezelfde troebele staat die me gisteren al mijn eerste sessie aan de monitor opleverde, wegens een plotse aanval van drie dagen op rij barstende migraineachtige hoofdpijn gecombineerd met gigantische zwarte vlekken voor mijn ogen die zonder waarschuwing in ontploffende asteroïden veranderden.

monitor.jpg

En die na een hoop onderzoeken op niks ergers wezen dan een totaal gebrek aan slaap. Nu al.

Maar wat het dus is. Een mens denkt altijd dat de tijd hem zal veranderen in iemand die volledig klaar is voor een aankomende verandering. Toen ik trillend met een pas beplast en positief staafje zwangerschapstest in ons huisje in Los Angeles stond leek het nog zo ver weg, het moment waarop kind 1 zich zou aandienen, dat ik ervan overtuigd was dat ik in die acht maanden wel stilaan zou veranderen in een moeder. Net zoals die keer dat de dokter van mijn moeder zei dat ze nog een maand of zes te leven had, en ik dacht dat ik in die zes maanden iemand kon worden die dat wel zou aankunnen. Twee hele andere situaties, maar ik ging ervan uit. Met tijd en boterhammen zou ik mezelf wel kunnen klaarstomen tot iemand die het allemaal aankon.

Wat blijkt nu? De lilith die binnen een korte periode een baby op de wereld dient te zetten en zal moeten zien dat die baby een toffe, sympathieke en goed doorvoede knul wordt waarmee het fijn pinten drinken is is identiek dezelfde lilith die trillend met het stokje in haar handen stond. Oke, ze is iets beter geïnformeerd over afkolfmachines en luieremmers dan toen, en de kans is kleiner dat ze onder invloed is van een boterham met een dikke laag preparé, maar voor de rest is ze dus nog even clueless. Nog even weinig moeder. Net zoals ze in de laatste weken van het leven van haar eigen moeder even weinig benul had van hoe ze het allemaal zou doen zonder. Ze had toen geen idee. Ze heeft het uiteindelijk wel gedaan, en het is haar beter gelukt dan ze toen kon vermoeden.

“Weet je wat het is?”, dacht ik dus maar. Dat je er maar vanuit moet gaan dat je het opgelost krijgt als het zich aandient. Dat je er maar op moet vertrouwen dat je het kunt. En dat dat misschien niet meteen iets is waar je bijzonder beslagen in bent, in ergens op vertrouwen dat er nu nog vreselijk vaag uitziet, maar dat je al zo veel hebt gekund, kind.

Of, zoals iemand het mij ooit vanuit de loopgraven van het ouderschap toevertrouwde: zelfs in het slechtste geval is het altijd twee volwassenen tegen één baby. Wat we niet kunnen winnen in decibels pakken we al zeker terug in droge spiermassa.

Aan dat soort gedachten trek ik mij keihard op.

lilith vindt het huilen met de pet op

kaaskroket.jpgDie Dagen Zonder Vlees, ik had daar niet bijzonder veel moeilijkheden bij verwacht, nadat wij al meer dan een jaar geen dode beesten meer eten thuis. Af en toe bestelden wij wel eens een goede portie stoofvlees op restaurant, of een stukje vis, maar daarin schrappen zou wel lukken, veertig dagen lang. Dat blijkt ook zo te zijn. Op dag 28 van veertig hebben zowel Youri als ik nog altijd geen vlees, vis of kip aangeraakt, zonder grote problemen.

En toch.

Wij gaan af en toe graag ergens iets eten. En dat blijft toch dikwijls compleet huilen met de pet op, veggiegewijs. Oke, in Ieper bestaat het niet eens, een vegetarisch restaurant, en op zich vind ik dat ook niet zo erg: mijn ervaring is niet zo goed met plekken die uitsluitend veggie eten serveren. Ik zal vast wel al een paar keer pech hebben gehad, maar ik word niet bepaald vrolijk van een kaart vol seitan, tofu, linzen en tempeh, al is dat natuurlijk gewoon persoonlijke smaak. Ik heb het meer voor veggiegerechten die je bijvoorbeeld bij de Italiaan kan krijgen, en waar niet expliciet veggie boven staat geschreven: een goede penne al’ arrabiata, bijvoorbeeld, of een lekkere pasta met tomatensaus en artisjokken. Die Italianen, ik vind dat die dat geweldig doen, ook zonder seitan.

Wat ik wel triest vind: dat er in Ieper heel wat restaurants zijn die geen enkele veggie optie aanbieden. Geen enkele als in geen enkele. En dat er dan nog een paar zijn die één gerecht hebben: kaaskroketten met een blad sla. Ik weet niet of dat aan mij ligt, maar als vegetariër stel ik mij net iets meer voor bij eens lekker gaan eten. Ik mag al geen wijn drinken, en ik weet niet of er katten in de buurt van uw sla zijn geweest. Zie mij smullen van uw triestige kaaskroket, zeg. Of van uw croque zonder hesp, als ik chance heb dat ze nog niet allemaal op voorhand zijn gemaakt.

Echt, beste chefs, ik vraag mij af hoe lang jullie nog gaan blijven ontkennen dat er een groep mensen bestaat die geen vlees eet, en die er dikwijls voor zorgt dat hun hele gezelschap niet bij u komt eten omdat er voor hen geen enkele vleesloze optie is. Er zijn zo veel lekkere en simpele pasta’s, curry’s en andere vleesloze dingen te bedenken die ervoor zouden kunnen zorgen dat ik helemaal zou kunnen stoppen met vlees eten, als ik de misérie van vitaminetekorten door maagverkleiningen even wegdenk. En als de kok maar het verstand had om niet standaard vlees in elk gerecht te gooien.

Van dagen zonder vlees gesproken: vanavond voor het eerst zelf sushi met avocado en komkommer gemaakt.

avocadosushi.jpg

Wreed lekker, maar hoe krijg je die groene dingskes in het midden, eigenlijk? *blond*

lilith last een pauze in

kalenderblaadje212.jpgTweehonderdentwaalf dagen, dat lijkt niet eens op 365, ik weet het. Het neemt niet weg dat het net zeven maanden is, dat ik elke dag een stukje heb gepleegd. Ik weet niet of ik aan het begin van dit hele gekke idee heb gedacht dat ik het zo ver en lang zou volhouden. Al valt alleen al uit de ambitieuze naam af te leiden dat ik keihard zeker was dat ik het 365 dagen na elkaar zou doen.

Als je te hard nadenkt over wat er allemaal op je pad kan komen in zo’n jaar, dan begin je er niet aan, dacht ik toen. En dat de kans bestond dat ik het na een tijdje zou moeten opgeven, maar dat de kans even goed bestond dat het niet zo zou zijn. Ik had een paar dingen niet helemaal goed ingeschat, zo blijkt. Dat ik al een week na de start van het project zwanger zou zijn, bijvoorbeeld. Dat ik begon aan een superboeiend en superdruk werkjaar. Dat er een paar grote projecten zouden zijn die heel veel van mijn tijd in beslag zouden nemen, en dat ik daarnaast al zo veel leuke stukken zou ingepland hebben dat ik die ook niet zou willen laten vallen.

Dat die ene to do, elke avond bloggen, als je weken aan een stuk lange dagen klopt en ook nog eens zwangerder en zwangerder wordt, wel eens de ene to do te veel kan worden. Dat de combinatie van allemaal leuke dingen willen doen, en believe you me, ik vond de afgelopen zeven blogmaanden geweldig leuk, er voor kunnen zorgen dat je lichaam begint tegen te sputteren en je zowel lichamelijk als in je hoofd doodmoe wordt. Dat je voelt dat je het een beetje rustiger zal moeten beginnen doen, en dat je daar liefst niet te lang mee wacht.

Ik ga dus even een pauze inlassen. En daarna zie ik wel hoe ik verder ga, en of. Bloggen blijf ik sowieso doen, maar de komende tijd alvast niet elke dag meer. Something’s got to give. En ik vrees dat het dit projectje zal moeten zijn.

In elk geval: geweldig merci om meer dan tweehonderd dagen te komen lezen, ik kan me voorstellen dat het ook voor jullie soms veel zal geweest zijn. Ow, en mocht er een gat in uw dagplanning komen: op wijvenblogs.be bulkt het van de plekken die dat kunnen opvullen.

I salute you, zodus.

365 dagen aan een stuk ware mooi geweest, maar stiekem vind ik 212 ook wel al wat. ‘t Was tof. :)

lilith maakt een beetje reclame

kalenderblaadje211.jpgAls het allemaal een beetje had meegezeten stond ik komende zaterdag in Gent op een geweldig coole garageverkoop, met een paar toffe madammen met blogs en brol. Ik heb veel brol die mijn huis dringend uit moet, dus dat ware allemaal ideaal geweest, ware het niet dat ik onverwacht moet werken en er dus deze keer niet bij kan zijn.

Wreed jammer vind ik dat, ik moet het u niet zeggen, maar aangezien ik al heb gehoord dat i. discoballen van Henk gaat verkopen, denk ik dat de afwezigen ongelijk hebben. Allen daarheen dus, en doe ze mijn complimenten.

En aangezien ik geen foto kan maken van een garagesale in de toekomst waarop ik zelf niet kan aanwezig zijn: mijn veggie boerenomelet van gisterenmiddag, speciaal voor jullie.

tftcdag211.jpg

#wijvenweek: lilith heeft ervan genoten

kalenderblaadje210.jpgIk herinnerde me vaag dat het vorige keer erg tof was, die wijvenweek, maar zo tof als dit jaar? Ik dacht het niet. Ik heb me ongelooflijk geamuseerd met het lezen van alle coole blogposts op wijvenblogs.be, al wou ik dat ik daar iets meer tijd voor had gehad. Ik heb meer dan een paar heel erg leuke blogsters ontdekt, die met link en al in mijn RSS-reader gevlogen zijn, om ook na deze week te blijven volgen. Ik heb veel bijgeleerd, veel glimlachend geknikt van herkenning, en ik heb erg vaak gedacht dat het de max was om zien: zo veel vrouwen, zo veel meningen, zo’n leuk gezamenlijk project.

Ik hoop van harte dat zij die opnieuw zijn begonnen met bloggen dankzij ons klein projectje hernieuwde inspiratie hebben gevonden, en er gewoon mee blijven doorgaan. Beste wijven, jullie waren stuk voor stuk de max, ik heb heel hard genoten van de afgelopen week, en ik hoop van jullie hetzelfde.

Om de week af te sluiten, nog een paar beeldjes die eigenlijk niet zo bijzonder veel met wijverij te maken hebben, maar wel allemaal de afgelopen dagen op mijn telefoon terecht kwamen.

tftcdag210_1.jpg

Deze extreem lekkere mega vega pasta, verorberd in de Sonseveria in Berchem. LEKKER! En perfect voor mijn nog steeds lopende dagen zonder vlees.

tftcdag210_2.jpg

Ik zag echte bloemen.

tftcdag210_3.jpg

En heel toffe fakers.

tftcdag210_4.jpg

Er was geen tijd voor een outfitpost voor #wijvenweek, maar als die er wel was geweest had deze er kunnen tussen zitten.

tftcdag210_5.jpg

Of anders deze.

tftcdag210_6.jpg

En mijn superzotte week werd afgesloten met een brunch met ex-collega’s vanmorgen. Benieuwd of ik er volgende week iets meer toe kom om af en toe op het gemak adem te halen. Wordt nog spannend, maar erover bloggen gaan we!

#wijvenweek: lilith en dat ding waar ze echt goed in is

kalenderblaadje209.jpgAls ik de lilith van nu vergelijk met de lilith van twintig jaar geleden, dan is de conclusie duidelijk: ik kan mezelf mijn eigen grenzen over duwen like a boss. Ik ben van mijn eigen een doodsbange, vreselijk onzekere muis, namelijk. Ziekelijk bijna. Ik was het kind dat, als alle andere kinderen zonder nadenken met de go-cart gingen rijden op de dijk, bang aan de kant bleef zitten “omdat ze dat niet kon”. Dat niet mee ging op bosklassen omdat ze niet durfde. Dat na een week op kamp bij de scouts huilend en slingerziek van heimwee thuis kwam en nooit meer is willen gaan. Ik ben nog altijd dat kind, als ik dat toelaat. Niet eens zo diep vanbinnen vind ik nog altijd veel te dikwijls dat ik niks kan. Dat ik niet veel waard ben ook. Tot grote ergernis van hij die vindt dat ik vanalles en nog veel meer waard ben, trouwens. Which is really nogal geweldig.

Als mensen mij zeggen dat ik zo sociaal ben, zo gemakkelijk in de omgang met andere mensen, dat het allemaal zo vlotjes lijkt te gaan, dat zij dat niet zouden durven, naar BV’s bellen, laat staan hen aanspreken op feestjes of moeilijke vragen stellen op interviews, of iets vertellen op de radio, dan kan ik alleen maar denken aan de duizend doodsangsten die ik heb moeten doorstaan om beetje bij beetje te geraken waar ik nu ben.

Ik ben geen multitaskend superwijf, verre van, maar dat ik tegenwoordig op vreemde mensen durf afstappen, en ermee kan praten zonder de nacht ervoor geen oog dicht te doen bij de gedachte alleen al >> niet te schatten. Dat ik naar plekken durf gaan waar ik helemaal niemand ken, en na tien minuten al zit te smalltalken met onbekenden, op persreis naar Corsica bijvoorbeeld. Dat ik voor een zaal durf gaan staan en voor een groep kan spreken zonder in te storten, en dat mensen me achteraf soms zelfs komen zeggen dat ik dat zo goed doe. Dat ik niet begin te wenen als ik heel harde mensen tegen kom die het mij helemaal niet gemakkelijk maken, maar rechtop blijf staan en erin slaag om ook die stormen te doorstaan. Dat ik een hoorn durf opnemen, en naar andere mensen durf bellen. Alleen mensen die mij al heel lang kennen beseffen wat voor een ongelooflijk zot stamp-uzelf-eens-geweldig-hard-onder-uw-eigen-gat-talent daarvoor gezorgd heeft.

tftcdag209.jpg

Ik ben daar waarlijks vreselijk trots op.

Deze blogpost kwam tot stand naar aanleiding van dag vijf van wijvenweek, onder het thema waarbij we onszelf een beetje mogen bestoefen. Alle deelnemende blogs zijn te lezen op wijvenblogs.be.

#wijvenweek: lilith doet van censuur

kalenderblaadje208.jpg“Als je alleen maar afgaat op je blog dan lijkt het wel alsof jij helemaal geen vrienden hebt”, zei de man die ik tot een half uur eerder enkel van op internet kende, en waarmee ik om professionele redenen koffie zat te drinken. “Er is vriendin J.”, zei ik, beseffend dat ook zij al een hele tijd haar opwachting niet meer heeft gemaakt in een blogpost. En dat hij voor de rest gelijk had: als je afgaat op mijn blog, dan ben ik een betrekkelijk eenzaam mens.

Als je enkel maar afgaat op mijn blog, dan kook ik veel meer dan ik werk. Dan heeft mijn vader geen vriendin, dan maak ik me alleen maar druk over het maken van de perfecte tomatensaus, en helemaal niet over familiezaken of werkproblemen. Laat staan dat ik mij ook maar iets aantrek van maatschappelijke thema’s als armoede of racisme.

Ik heb weinig medemensen waar ik mee in contact kom, ik maak me niet ongelooflijk vaak druk, ik ben niet bijzonder triest over actuele onderwerpen, ik eet eigenlijk vooral, en ik kook. Ik doe weinig echt stomme dingen, ook niet als ik te veel heb gedronken, ik haal geen oude koeien uit de gracht, ik ben kalm en collected en ik ga niet door het lint als ik te veel deadlines heb en te weinig mensen die willen meewerken. Ik maak lijstjes, en ik winkel niet. Ik roep geen ongelooflijk gemene dingen naar het hoofd van mijn vent. Ik doe helemaal nooit dramatische uitspraken als “Echt, als dat hier zo verder gaat ga ik weg en kom ik nooit meer terug.” Ik herken dit stukje niet ongelooflijk hard, als je enkel op mijn blog voort gaat.

“Wat doe je als je een bedelaar ziet zitten aan Brussel Noord?”, vroeg iemand me onlangs toen ik in ruil voor kotssnoepjes wat toekomstige blogthema’s sprokkelde. Ik heb nog een lijstje staan met onderwerpen waarvoor ik snoepjes ga uitdelen, maar die vraag laat ik ook deze keer links liggen. Omdat ik vind dat mijn blog niet de plaats is om erop te antwoorden. Zo’n dingen spaar ik op voor op café, met mensen die mij kennen. Is dat censuur? Misschien een beetje. Maar er vallen al zo ongelooflijk veel meningen op internet te lezen dat het hier niet zo nodig om de haverklap moet.

Als je alleen maar afgaat op mijn blog, dan is mijn living betrekkelijk proper, met a place for everything and everything in its place. Leuk en bedachtzaam ingericht volgens mijn mappeke op Pinterest, met toffe objecten die perfect binnen mijn kleurschema’s passen. Zen. Ruikt naar een strandwandeling, ook.

Ik heb net één van de drukste weken in een hele lange tijd achter de rug, maar dat is niet eens een excuus, want op andere weken is het niet veel beter.

Het is eerder ongeveer zoiets:

tftcdag208.jpg

* jassen en jasjes aan stoelen in plaats van in de kapstok
* overal hoopjes boeken, enveloppen, tijdschriften, oude foto’s, handleidingen voor draagdoeken, kerstkaartjes en folders van kind en gezin
* wasmanden vol was die nog moet geplooid worden op de grond
* kasten vol soepkannen die nog terug naar de schoonouders moeten, in plaats van fijne decoratieve elementen
* goodiebags van de babywinkel die ik nog moet wegsteken
* een rondslingerende echtgenoot
* hoopjes oorbellen en haarrekkertjes die nog naar boven moeten
* mijn nieuwe luiertas, mijn laptoptas en handtas, overal behalve waar ze thuis horen
* twee paar schoenen onder tafel

Allemaal goed voor een keer, maar vanaf volgende week kadreer ik alles weer gewoon de censuur in, als het niet geeft. Al was het maar omdat mijn blog zowat de enige plek is in mijn leven die er niet ontploft uitziet als er iemand onverwacht aanbelt. Zum koesteren, dat weet elk zichzelf respecterend wijf.

Deze blogpost kwam tot stand naar aanleiding van dag vijf van wijvenweek, onder het thema zelfcensuur. Alle deelnemende blogs zijn te lezen op wijvenblogs.be.

#wijvenweek: lilith droomt een eind weg

kalenderblaadje207.jpgOOIT…

* wilde ik ongelooflijk graag dierenarts worden. Bleek dat ik geen wetenschapper ben, en dat ik er geen rekening mee had gehouden dat de job vooral dingen inhoudt als etterende wonden schoonmaken, in plaats van hondjes en katjes aaien. Vanaf gestapt. Daarna wilde ik ongelooflijk graag journalist worden, en veel schrijven. Het is nog gelukt ook

* wilde ik af van mijn buitensporige lichaamsgewicht, liever dan om het even wat. Ik ging op dieet, ik slaagde en mislukte verschillende keren, ik hakte een paar vreselijk moeilijke knopen door en ik liet mijn maag verkleinen. Ik verloor meer dan vijftig kilo. Het was nog gelukt ook

* wilde ik iemand tegen het lijf lopen die mij deed lachen, waarmee ik boeiende gesprekken kon voeren, die mijn maat en ook mijn lief kon zijn, die ik kon vertrouwen, die mij graag zag, voor mij zou zorgen maar mij ook een beetje los kon laten, iemand bij wie ik liefst van al zo vaak zou willen zijn dat ik met hem zou willen samenwonen, misschien zelfs kinderen maken. Iemand die zijn eigen hemden kon strijken en de vuilnisbakken kan buiten zetten. Iemand die niet weg liep toen ik hem tegen mijn gilet trok. Het is nog gelukt ook

* wilde ik af van mijn ongelooflijk verlammende verlegenheid. Wilde ik durven praten tegen vreemden, en van mijn telefoonangst af. Ik nam een job aan als telemarketeer. Ik pushte mezelf op dagelijkse basis om mijn kot wat meer uit te komen en wat socialer te zijn. En het lukte, beetje bij beetje

* wilde ik een blog beginnen, en hoopte ik dat er mensen zouden zijn die de stukken die ik schreef zouden komen lezen. Misschien zelfs meer dan één keer. Het is nog gelukt ook :)

OOIT…

* wil ik minstens een jaar in het buitenland gaan wonen met mijn vent en kind(ers). Liefst ergens in Californië ofzo.
* wil ik iemand zijn die haar brood verdient met het schrijven van boeken. Iemand die dat zowel kan vanuit een hutje in de bergen als vanuit een koffiehuis in de stad. Heerlijk, lijkt mij dat

tftcdag207.jpg

(tekening: dien van het kinderen maken)

* wil ik een blije mama zijn die daar heel hard haar draai in heeft gevonden, met leuke positieve kinderen die in zichzelf geloven, en enthousiaster zijn dan bang
* wil ik iemand zijn die goed in haar vel zit, gezond leeft, veel sport, en meer in het moment leeft dan in gisteren en morgen
* wil ik nog een land of dertig meer hebben bezocht dan nu het geval is
* wil ik terug kijken en denken dat het allemaal serieus de max is geweest

Met een beetje chance gaat dat nog lukken ook.

Deze blogpost kwam tot stand naar aanleiding van dag vier van wijvenweek. Alle deelnemende blogs zijn te lezen op wijvenblogs.be.

#wijvenweek: lilith zit met een mening. Over vrouwen

kalenderblaadje206.jpgHet zal vast vreemd klinken uit de mond van iemand die een wijvenweek mee op gang trok, maar ik heb van vrouwen moeten leren houden. Heel erg, zelfs. Dat is een kwestie van jaren geweest, en ik ben er nog altijd mee bezig. Jaren waarin ik bijna uitsluitend mannelijke vrienden had, omdat ik me als enig meisje tussen een hoop mannenvolk standaard meer op mijn gemak voelde dan als er een vrouw bij betrokken was.

Al van toen ik kind was, trouwens, en daarna ook in de lagere en middelbare school. Toen ik in Gent ging studeren vond ik het dan ook de meest vanzelfsprekende zaak van de wereld dat ik ging samenwonen met drie mannen. Geen haar op mijn hoofd dat er ook maar aan dacht om dat met andere vrouwen te gaan doen. Ook niet met mijn beste vriendin, neen. Met mannen ging alles altijd stukken makkelijker.

Dat bedacht ik me weer toen ik begin deze week de borstvoedingsles betrad en al binnen de vijf minuten een opmerking kreeg over het feit dat ik als zwangere vrouw koffie dronk. Het sfeertje was gezet, al helemaal toen ik als enige tussen de borstvoedingsadepten liet blijken het nog niet helemaal te weten, of ik de keuze voor borstvoeding wel wilde en zou maken.

tftcdag206.jpg

Plots waren ze daar: de venijnige opmerkingen. Terechtwijzingen bijna, want neen, het was niet gemakkelijk, borstvoeding geven, maar was ik dan zo’n vrouw voor wie alles gemakkelijk moest, eerder dan dat ik koos voor het welzijn van mijn kindje? Ik hield me zo goed als ik kon staande, legde uit waarom ik twijfelde of het wel iets voor mij was, maar dat ik me wel goed wilde informeren voor ik mijn beslissing nam. Er kwam nog een opmerking, een nogal persoonlijke. Ik ben een vrouw, ik neem dingen persoonlijk. En kon alleen maar denken dat het gesprek onder mannen helemaal anders zou gegaan zijn. Met een pak minder borsten, ook, maar dat is een ander verhaal.

Even later. Eén van de deelnemers zegt iets over dat ze haar benen niet meer zo vaak onthaard kreeg als anders, met die buik die in de weg zit enzo, om over de rest nog maar te zwijgen. Iemand anders grijpt het moment om daar een beetje neusoptrekkend over te doen, samen met de buurvrouw. Vieze vrouw, lees ik in hun ogen. Tekortschietende vrouw. Daar waren toch echt wel oplossingen voor. In een gezelschap waar ook mannen aanwezig waren zou ik zeker een opmerking gemaakt hebben over de staat van mijn eigen benen als ik, zelfs zonder daarvoor zwanger te moeten zijn, eens zes dagen geen zin heb om ze te ontharen. Maar ik zat in een vrouwenslangenkuil, waar ik geleerd heb te zwijgen, voor de minste miserie. Om het minst verkeerd begrepen te worden. Om niet in de verdediging te moeten gaan.

Wat is dat toch, met ons, vrouwen? Waarom zijn wij altijd elkaars allerergste critici? We vinden het nochtans echt niet fijn, dat er vaak meer druk op de ketel zit dan bij mannen, we er én moeten uitzien als om door een ringetje te halen, én ons huishouden moeten doen bollen, én ons eten lekker moet zijn én ons werk goed gedaan. Maar de meest venijnige opmerkingen, die maken we wel zelf.

Het flitste me terug naar een paar jaar geleden, toen ik samenwerkte met alleen maar vrouwen en op dagelijkse basis meemaakte hoe hard er werd afgegeven op de poetsvrouw om te kunnen zeggen hoe veel beter het huishouden van mijn collega’s functioneerde, hoe diegene die er die dag toevallig niet was werd afgemaakt als het ging over uiterlijkheden, relaties, kinderen en het stof op haar kasten die keer dat iemand bij haar op ziektebezoek was geweest. De dingen die ik hoorde uit de monden van vrouwen die zelf vreselijk gevoelig waren voor commentaar van anderen grensden aan het ongelooflijke. En maakten mij heel erg triest, ook op dagelijkse basis.

Ik vind het helemaal niet fijn om te zeggen, maar eerlijk? Ik vertrouw vrouwen minder snel. Ik voel me zelden echt verbonden met mijn seksegenoten, ik voer zelden één strijd. Ik maak geen deel uit van een fijn vriendinnengroepje, mijn relaties met andere vrouwen zijn lang bijna onbestaande geweest omdat ik zo afknapte op de ervaringen die ik had, en ik zie andere vrouwen niet als zussen. Ik ben de goden dankbaar voor het feit dat ik in de loop der jaren een paar voorbeelden ben tegen gekomen van hoe het wel zou moeten. Echt leuke fijne vrouwen, die niet oordelen om er zelf beter uit te komen, en zichzelf kunnen relativeren. Ik heb onlangs zelfs het initiatief voor een #wunch genomen, en het was de max. Ik, een wijvenlunch! Het komt dus vast wel nog eens goed met mijn trauma’s.

Soms denk ik: als wij vrouwen het makkelijker willen hebben in dit leven, iets dat ik ons allemaal erg hard gun, moeten we misschien met zijn allen beseffen dat iedereen elke dag zijn of haar best doet. Dat we misschien maar beter lief kunnen zijn voor onszelf, en voor elkaar. Net daarom vind ik deze wijvenweek weer zo fijn. Jullie hebben ook guilty pleasures, jullie huishouden loopt ook scheef, soms ruiken jullie naar zweet en storten jullie even hard in als jullie buurvrouw. Het is zo fijn om dat te lezen. Het is leuk om dat te kunnen toegeven zonder dat we onszelf er weer op afrekenen. Laat ons dat meer doen, denk ik dan. Laat ons eens een beenontharing overslaan en samen pinten gaan drinken, of gaan #wunchen, gewoon omdat het kan.

Het leven is veel te kort en kostbaar om het elkaar te moeilijk te maken anyways.

Deze mening kwam tot stand naar aanleiding van dag drie van wijvenweek. Alle deelnemende blogs zijn te lezen op wijvenblogs.be.