lilith en de plastieken buis

pere3.jpgAls om het even welk ander meisje vanmorgen op medisch onderzoek moest had ik eens hartelijk kunnen lachen met de hele situatie. Maar het was ikzelf, jammerlijk genoeg. Om maar te zeggen dat het niet meteen was hoe ik mijn lang weekend had laten beginnen als ik had mogen kiezen. Of in een film over mijn lang weekend, for that matter, die ik "The long and winding weekend" zou titelen als mijn impressario zijn fiat zou geven.

Ik ben als de dood voor medische onderzoeken.
Ja, dat had ik al verteld.
Maar lees toch even mee, want het wordt spannend.
Het angstzweet breekt mij uit als ik opgeroepen word om me van boven tot onder te laten keuren, meten, wegen, prikken en op mijn knieÎn moet laten kloppen met een hamer. Ik heb in het verleden tientallen slapeloze nachten beleefd die voorafgingen aan zo'n medisch onderzoek, en telkens hield ik mezelf wakker met het beeld van strenge verpleegsters die me afkeurend zouden aankijken terwijl ik in mijn onderbroek op de weegschaal zou staan, de blikken van de helft van de klas op mij en mijn onderbroek gericht.

Ik heb altijd gedacht dat het een angst was die zou overgaan eens ik ouder van dag zou worden, maar ik dacht verkeerd.
Nadat ik een half uur verslagen had zitten kijken naar de oproepbrief die mijn lot van de afgelopen week bezegelde belde ik dinsdagmorgen naar de secretaresse van dokter Van De Ploeg (want ja, ik probeer toch altijd iets leuks te maken van mijn fobiÎen).
"Wat houdt dat zo allemaal in, dat medisch onderzoek?" vroeg ik alsof het gewoon een spontane routine-vraag was die net in me was opgekomen, en geen vraag waarvan ik me al een half uur zat af te vragen of ze niet stom/kinderachtig/getuigend van een idiote artsenfobie was. "De dokter zal een vragenlijst invullen, wat bloed afnemen voor onderzoek en u zult een urinestaal moeten aanmaken" zei de secretaresse alsof het haar idee was van een leuk dagje uit.

En meer had ik niet nodig om de rest van de week met een vreemdsoortige kriebel in mijn borstkas rond te lopen. Kijk, ik ben niet bang voor naalden, ik vind stethoscopen niet te koud of te ijzer, en ik kan het best aan als iemand me vraagt of hij even in mijn keel mag kijken. En urinestalen, die lever ik aan op commando. Geen enkel probleem! Het is al de rest die er teveel aan is. Het wachten in een vreemde wachtzaal, niet wetend welke dokter je onder handen zal nemen. Met een kramp in je maag dan toch maar een TV-familie van april 2004 doorbladeren. Je plots heel erg bewust zijn van elke kilo teveel, ook al gebied de eerlijkheid me te zeggen dat dat vaak niet eens nodig is. Ik voel me nog steeds enorm ongemakkelijk bij het "sta eens op de weegschaal zodat ik je kan vertellen dat je overdreven voorzien bent van poten en oren"-deel, maar ik moet toegeven dat dat moment de laatste jaren altijd veel beter is meegevallen dan ik had gevreesd.

Hetgeen waar ik echt kapot van ga is de resultaten, en het wachten erop. Telkenmale ben ik ervan overtuigd dat ze iets ergs en ongeneeslijks gaan ontdekken, waarvoor ik direct in quarantaine zal moeten en mijn familie en lief nooit meer zal mogen terugzien, behalve door een plastieken buis. En die angst is eigenlijk best ongegrond, aangezien niemand ooit iets vreemds heeft ontdekt aan mijn persoon.

Tot vanmorgen. "Uw bloeddruk is ongewoon hoog" zei de strenge dokter beschuldigend. "Bent u zenuwachtig?"
"Ja" piepte ik, wat waar was, want ik wilde zo snel mogelijk weg uit de lelijke dokterskamer van de veel te strenge dokter. De dokter duwde een naald in mijn arm, trok er een hele tube bloed uit en begon opnieuw. Ik moest kalm en braaf wezen. Ik deed mijn best, maar het mocht niet zijn. Ik, die altijd een perfecte bloeddruk had gehad, ging weer volledig in het rood. "Risico-situatie" bromde de dokter terwijl hij iets op een papiertje pende. "Ik ga dood" dacht ik. "Jij gaat naar de cardioloog" zei de strenge dokter.

Was me dat even een geweldig AmÈlie Poulain-momentum, zeg.

Zoow. Nu enkel nog bang afwachten op de resultaten van mijn bloed- en urineonderzoek, en hopen dat mijn hart het niet begeeft bij het openen van de envelop. Want jahaa, dit wordt zo'n "strijd tegen ziekte"-blog hoor, dat zul je zien! *aah*

29 oktober 2005 | | 3 reacties

[PROJECT] Schettigheidsoverdose 2005!

Ik wens eenieder een warm hart voor de koude winterdagen.
Ofzo.

jack_kl.jpg

Dit is Jack, de uiterst bereschattige kater van de kok van de webkitchen, die er trouwens ook wel mag wezen.

poeze_kl.jpg

Sarah van tiekenei nomineerde deze semi-scheelkijkende kitten, die luistert naar de naam nin en eigendom is van Flickr's dockmaster.

DwayneHeadSmall_kl.jpg

De jarige jongen (yes yes, feliciteer hem maar) van things beyond things vond de schattigheid van deze knakker over het randje.

to_tired_to_eat_kl.jpg

Ik word persoonlijk helemaal niet goed van de schattigheid die van deze foto knalt.

knurfje_kl.jpg

Sunnymoon is zot van dit knurfje. And who can blame her?

elfke_kl.jpg

Gawd kijk, het is een schattig elfje op een onwerkelijk schattig zwart katje. :aah:
Met dank aan die jarige jongen van things beyond things.

vies_kl.jpg

Volledig buiten competitie? Ik dacht het wel.

26 oktober 2005 | | 3 reacties

lilith is een Afrikaans sekssymbool

eddie_murphy.jpgWeinig mensen zijn er zich terdege van bewust, maar ik ben een Afrikaans sekssymbool.
Niet dat ik ermee te koop loop ofzo.
Maar ik ben het lekker wel.

Ik beschik over kwaliteiten die Afrikaanse mannen zover heen krijgen dat ze mij overal naartoe volgen, mij om de haverklap aanspreken, smeken om dates en mijn gsm-nummer, en meer van dat moois. Sterker nog: studies hebben uitgewezen dat als er zich ÈÈn neger in een omtrek van drie kilometer bevindt, hij mij altijd weet te vinden voor een hemelinprijzend gesprek. Studies hebben ook uitgewezen dat het niet echt verstandig is om mijzelf op plaatsen te begeven waar veel Afrikaanse medemensen vertoeven, wil ik een rustige avond tegemoet gaan. Studies hebben uitgewezen dat dat komt doordat ik goed voorzien ben van poten, oren en heel wat andere dingen waarvan Afrikaanse godendochters voorzien horen te zijn. Studies hebben uitgewezen dat ik voor Afrika ben wat Veronique De Kock voor Vlaanderen is.

Hey, what can I say?

Zo ook vandaag. Ik stapte- niet eens overdreven sexy, want door weer en wind- van mijn werk naar het station, toen plots.
"Hi".
Iet of wat opgeschrikt draaide ik mij om, wat ik bij nader inzien misschien beter niet had gedaan, want de pose "iet of wat opgeschrikt" windt Afrikaanse kerels op, zo blijkt maar weer. Ja, dat had ik nog niet verteld er stond een Afrikaanse jongen achter mij dus, en hij was het, die "Hi" had gezegd. Dat dat duidelijk is.

"Hi" zei ik tot de Afrikaanse jongen, want ik sta open voor vreemde culturen.
"You speak english?" vroeg de Afrikaanse jongen met een glimlach die hem veel geld zou kunnen opleveren in een Eddy Murphy look-a-like competitie.
"Yes" zei ik, zo gebrekkig mogelijk, want ik wist wat komen zou.
"I really really like you" deed de Afrikaanse jongen, en ik deed mijn Mona Lisa-lachje dat ik altijd gebruik als ik even heel hard moet nadenken en de stilte moet gevuld krijgen tijdens gesprekken over Afrika and my fine ass.
"I have a boyfriend" zei ik, mezelf verontschuldigend omdat ik zo geweldig op hem was overgekomen. Het leuke was dat het nog waar was ook. Warempel, na al die jaren van liegen tegen de helft van Afrika kon ik het eindelijk in alle eerlijkheid zeggen.
"No lady" zei de Afrikaanse jongen weinig onder de indruk. "I really really like you, you like me too".

Ik trok mijn wenkbrauw streng doch vriendelijk omhoog, waarop de jongen aanstalten maakte om dan maar meteen de daad bij het woord te voegen en mij mee te vragen om iets te gaan drinken, zodat we elkaar heel de namiddag konden plagen en aan mekaars billen konden frotten tot morgenochtend, als in "Out of Africa".

"No wei howsei", wilde ik zeggen, maar ik was bang dat hij echt Jose heette (wat een plausibele negernaam is, jawel) en hij het een geweldig toeval zou vinden dat ik dat wist en dat we dus wel samen de liefde MOESTEN bedrijven!
"I'm not really interested" sprak ik snel, en ik zwaaide op Veronique De Kockse manier mijn lange manen over mijn schouder en wenste hem een prettige dag toe. Deksels zijn ze, hoor, die afrikanos. Erg deksels.

Fact is natuurlijk wel: als ik in Afrika geboren was had ik waarschijnlijk al mijn eigen fanblad/kalender/kinky kookprogramma waarin ik naakt kook op een zebra. En elke zichzelfrespecterende negerin zou zich aan mij spiegelen, en toch jaloers zijn als haar echtgenoot mijn naam zou noemen tijdens those special moments. Dat dan weer wel. Een artiestennaam zou ik nemen, want u denkt toch niet dat Veronique De Kock echt Veronique De Kock heet ofzo?

"Oemfoefoe, The Sexy Zebra Bitch From Belgium".
Something something.

Move over, you Winnie Mandela.

25 oktober 2005 | | 15 reacties

treinergernissen

lijstjes.jpgWeet u nog, de klacht die ingediend was bij de spoorwegen omdat enkele vrolijke fransen erin geslaagd waren om met hun hersenloos kabaal en gelach ergernis op te wekken bij medereizigers? You know, na een jaar dag in dag uit te treinen kan ik daar best inkomen.

Nu U toch bezig bent, o edelmoedige Jannie Haeck...
Kunnen deze bronnen van ergernis meteen ook even bekeken worden?

  • conducteurs die enkel in jouw wagon al twintig keer "dankuwel... asjeblief... dankuwel...asjeblief..." zeggen, op hetzelfde toontje en met hetzelfde timbre.
  • mensen die de binnendeur opendoen om erdoor te lopen, en ze niet weer sluiten
  • reizigers die trekken en sleuren aan automatische binnendeuren die vanzelf sluiten na enkele seconden
  • reizigers die hoognodig tussen de automatische deuren willen blijven staan, ook al schuiven die om de vijf seconden automatisch weer toe
  • reizigers met misselijkmakende lichaamsgeuren die per se naast je willen komen zitten, ook al is de rest van de wagon leeg
  • mensen die in een gesprek niet op de naam van een serie/acteur kunnen komen, en dat jij het wel weet, maar het niet mag zeggen omdat ze zouden denken dat je luistervinkt :aah:

Vooral die laatste dan, Jannie.
Ik haaaat die laatste.

23 oktober 2005 | | 15 reacties

lilith en het geroosterde konijn X

clooney-curtin1.jpgOoit sprak ik, waarschijnlijk onder invloed van de nodige bedwelmende middelen, dat ik een boek zou kunnen schrijven over mijn kindertijd/jeugd. Daar is nog maar bitter weinig van gekomen, maar ÈÈn gedachte houdt me recht: ik heb mezelf nooit een deadline toegekend dus heb ik in theorie ook nog steeds niet gelogen.
En dan denk je: "hey hey, ik heb toch een blogue? Waar wacht ik nog op om te doen alsof ik een boek schrijf over mijn kindertijd/jeugd? Waarop, in godsnaam? Mijn blogue is mijn feestje, and I'll cry if I want to/cry if I want to!"
En die gedachte brengt ons vanzelf naar het jaar 1990, of iets dat daar erg dicht bij in de buurt zit.

Het jaar 1990 (of iets dat daar erg dicht bij in de buurt zit)

Twee wijken en hun kinderbendes domineerden het dorpje V.
Er was de Streuvelswijk, de sociale woonwijk waarin ik woonde en die vooral bestond uit schorriemorrie van de bovenste tot onderste plank en alles wat daartussenin zat. De andere wijk heette De Cerf, en was een villawijk iets verderop waar de mensen bubbelbaden en sauna's hadden in plaats van schulden en drankproblemen. De Cerf was de uptown buurt van V., en alles was er beter: de speelpleintjes werden er onderhouden in plaats van kapotgestampt door bmx-bendes, het gras was er groen in plaats van zwartgeschroeid door petards, en men keek er nog op als er een politiecombi de straat kwam ingereden.

Op de een of andere manier had ik me op school kunnen opwerken tot de bende van De Cerf, en dat was goed want zo hoefde ik geen zand en sneeuw te eten om in de bende van mijn wijk te worden opgenomen. De bende van mijn wijk die "De Cobra's" heette, moet u weten. Ik was te zachtaardig voor de Cobra's, en doordat ik het geluk had om vriendjes te hebben uit de meest gesofisticeerde wijk van V. kwam ik ook wel eens ergens waar het schorriemorrie van de Cobra's enkel maar van kon dromen.

In het huis van vriendinnetje L. bijvoorbeeld, dat ik me voor de rest van mijn leven zal herinneren als een knusse maar overdreven cleane berghut die opgetrokken was uit kamerbreed tapijt en oranjehouten planken. Ze hadden er een kast die uitpuilde van de snoepjes, en hun garage leek wel een voorbeeld uit de cursus "hoe deel ik mijn hele huishouden in door het in gelabelde plastieken dozen te steken". Als die cursus al zou bestaan, that is, en als hij al zou gegeven worden in het afgelegen dorpje V. in 1990 of iets dat daarop lijkt. Maar we dwalen af.

In die garage stond een witte gelabelde plastieken doos, waarvan het deksel altijd open was wegens het feit dat er een overdreven zacht en clean albino konijn in huisde. De naam ben ik vergeten, maar de liefde waarmee de meisjes uit de bende van De Cerf het konijn bepotelden, neen, dat vergeet ik nooit meer. Zo ook waren wij het van plan op een verjaardagsfeestje van vriendinnetje L., en nadat wij met ballons hadden gespeeld en in de veranda (want dat hadden ze!) overdreven cleane zelfgebakken cakejes hadden gegeten van de moeder van L. trokken wij naar de gelabelde garage. Op naar konijn X!

Maar konijn X was weg! Het zat niet meer in de doos, en het was ook niet te vinden in een andere doos, of in de cleane veranda, en ook niet in de vijver of tussen de spelletjesdozen. Konijn X was spoorloos verdwenen. Vriendin L. in tranen, de meisjes van de bende van De Cerf zo goed als, tot plots iemand zich de vraag stelde waar de jongens van de bende van De Cerf eigenlijk waren. En verhip: zij hadden helemaal geen cleane cakejes gegeten in de veranda! Dat was niet pluis!
En toen roken we het: verbrand haar.

In tranen stormden wij de berghut uit, langs de proper onderhouden paadjes en dwars door het speelplein, in de richting van de brandgeur. En daar, in het midden van het grasveld zagen wij het: konijn X, stok in het achterwerk en uit de mond, ronddraaiend boven een zelfgemaakt takkenvuurtje. En rond konijn X de jongens van de bende van De Cerf, het vuur gereflecteerd in hun duivelse blikken. Die dag leerden de meisjes van De Cerf een belangrijke les: alle jongens zijn Cobra's, diep in hun zieke, zieke binnenste.

Zo'n verjaardagsfeestjes als in 1990, dat maken ze tegenwoordig niet meer, hoor.
O nee!
Tegenwoordig spelen ze playstation en andere homodingen, en dat is best sneu.

For the record: de jongens van de Cerf beweren tot op de dag van vandaag dat konijn X al overleden was op het moment dat ze het uit de doos haalden. De meisjes van de Cerf weigeren tot op vandaag om dat verhaal te geloven.

22 oktober 2005 | | 6 reacties

Dingen waar ik geen geduld voor heb

lijstjes.jpg

  • films
  • diafragma en sluitertijd
  • mijn boekhouding
  • strandvakanties
  • groenten in kleine stukjes snijden
  • een volledige cd beluisteren
  • (berg)wandelingen
  • een deftig artikelarchief bijhouden
  • kinderen

20 oktober 2005 | | 8 reacties

[PROJECT] Kies hier het liefste dier (2005)

shrekkatse.jpgToen mijn nichtje Sanne nog een klein blond Sannetje was dat blij door den hof huppelde was het om de zoveel tijd van dat. Raadseltjestijd!
Als volgt voltrok zich het tafereel:

Sanne:"Wat is je liefste dier?"
Lilith:"Een ijsbeer"
Sanne:"En wat is je liefste kleur?"
Lilith:"Roze"
Sanne:"En waaaaat is je liefste getal?"
Lilith:"Zevenendertig"
Sanne: *schatert*"Wahahaaa, een roze ijsbeer met zevenendertig pootjes!"

De jaren negentig, het waren schone, zorgeloze tijden.

Eigenlijk misbruik ik dit kinderlijk verhaaltje vooral voor de grote "Kies hier het liefste dier"-verkiezing van 2005. U hoort het goed: tftc gaat op zoek naar de allerschattigste dierenfoto die op het internet te vinden is. Geen zozo-schattig, maar maag uit keelrukkend- en buikomdraaiend vertederend. Hij bestaat. En u weet het, want u hebt hem in uw geheime schattigheidsfolder zitten.

Nominaties mogen ingestuurd worden naar tftc@fromfrats.com, en medio volgende week gaan we stemmen. O ja, dat gaan we. Op babykatjes en fluffy puppies, om van de pandaberen en dolfijnen maar te zwijgen. Men zegge het voort! Doe het! *pathetische stilte*
Voor Sanne.

vies_kl.jpg

Fluffy has my vote.

19 oktober 2005 | | 7 reacties

lilith en de huppeldepup-sensation (deel drie)

huppeldepup.jpgHoe het met Carl zit? Wilt u het echt weten? Echt echt echt?

In mijn herinneringen deed Carl een nieuwe poging om mijn hand met bij voorkeur gespreide vingers de lucht in te krijgen.Hierbij vuurde hij de ene overbodige vraag na de andere af over motivatie, gelukkig zijn, niet gelukkig zijn, soms gelukkig zijn en willen gelukkig zijn. Ik zuchtte diep en keek Carl ostentatief aan, zonder hand of enig ander lichaamsdeel in de lucht. Dit werd niks. Ik was de verloren zaak. Lilith, de witte vlek in zijn feilloze american dream-parcours. "Haar die ik nooit heb kunnen vatten", zou hij me later in interviews noemen. Dat ene meisje in Kortrijk, tijdens die lezing. "Het wilde maar niet vlotten, toen. Het was ongelooflijk, en yet zo confronterend. Die dag besefte ik dat ik poep praatte."

Strebertje als hij was ging Cerl nog beter zijn best doen om mij in zijn web van motivatiepraatjes te lokken, en ik zette me nog schrapper in mijn versierde kerkstoel. "Give it al you've got" stuurde ik met mijn ogen de zaal door, richting Carl die aanbeland was aan het hoofdstukje "eigenhandig uitgevonden anekdotes". "I Will", zag ik hem denken terwijl hij met zijn hand die niet in de lucht stak zijn jaren negentig-haarkuif naar links plooide. Ik zag dat hij zijn kuiten opspande.

Het toonbeeld van motivatietraining in Vlaanderen probeerde me omver te slaan met een verhaal over de wijze waarop hij zijn bloedjes van kinderen opvoedde. En hoe zich dat al op een lollige manier manifesteerde in de kleuterklas.
"Als de kleuterjuf tegen mijn dochtertje van vier zegt dat er een probleem is" begon Carl blinkend van ongepaste trots, "dan zegt mijn dochtertje van vier: "neen juf, we hebben een uitdaging!"
Het was genoeg geweest. Ik ging volledig over mijn nek van walging, en al helemaal toen bleek dat de rest van het publiek smulde van zijn valse verhalen waarin hij zelfs zijn kinderen misbruikte om vrouwen van middelbare leeftijd mee te krijgen. Het zou me niet verbazen als Carl helemaal geen kinderen had, maar al jaren vieze dingen/powermoves deed met een homoseksuele hispanic named Juan.

Dus toen gingen we een beetje naar elkaar zitten staren omdat Carl het niet in zijn Ken-hoofdje kreeg dat ik geen bewonderende geluidjes produceerde bij elke valse anekdote die hij de zaal in smeet. Echt vies was het. "Ik heb een vrijwilliger nodig!!!!!!" riep Carl toen. En hij staarde. Ik terug, maar dan harder. Hij moest maar eens durven. Zijn wijdgespreide hand ging in mijn richting. Het leek wel slow-motion. Ik nam me voor om keihard in zijn kruis te stampen als ik bij hem op het podium zou worden geroepen. Carl schrok, en bewoog zijn wijdgespreide hand richting een mannelijke collega. Dit was priceless. Diezelfde mannelijke collega stond vijf minuten later op het podium met een duidelijk verzwakte Carl onsterfelijk belachelijke armduwspelletjes te spelen, en ik genoot, meer dan ooit.

Ik had Carl Huppeldepup's power animal vermoord.

14 oktober 2005 | | 5 reacties

verontschuldigend stukje

Ik ben er nog steeds hoor, maar ik heb het alleen een beetje overdreven druk nu.
Ik heb de laatste dagen zelfs zodanig veel getypt dat ik geen keyboard meer kan zien. *rilt*

Om toch maar iets te doen krijgt u een random gekozen foto uit ons foto-archief. Jawel!
Dit keer een pareltje uit het jaar des heren 2004.

woepse_kl.jpg

Komt dat tegen.

12 oktober 2005 | | 9 reacties

lilith en de huppeldepup-sensation (deel twee)

huppeldepup.jpg"Iek ben meneer Huppeldepup, en ik ga jullie iets lere over zelfmotivatie!"

De man die het podium was opgesprongen maakte tijdens het uitspreken van deze zin zeven handgebaren die naadloos overgingen in een ijzingwekkende, door merg en beengaande grijns. "Mijn naam is Cerl" zei de man. Dat is antwerps voor Carl. Ik had nog nooit iemand gezien die zoveel tanden had als Carl, en hij keek erbij alsof hij er graag een applaus voor had gekregen.

"Wie werkt er hier graag?!! riep Carl, en hij stak hierbij zijn rechterhand met extreem wijdgespreide vingers boven zijn hoofd uit om ons duidelijk te maken dat hij dat ook van ons verwachtte, hierbij zo hyper knikkend dat ik bang was dat zijn kin tegen de rand van het podium zou slaan. In tegenstelling tot de rest van de zaal hield ik mijn rechterhand waar hij was: in gebalde vorm in mijn zakken. Dat had niet veel met mijn jobvoldoening te maken, des te meer met Carl, die ondertussen al drie keer het podium was rondgesprongen met zijn hand in de lucht.

"Wie is er wel es ongeluukig?!!!!" *hand in de lucht*
"Wie heeft er wel es van motivatie gehoord?!!!!!" *hand in de lucht*
"Wie duwt 's morges wel es op snoeze???!!!!" *hand in de lucht*
"Wie is er wel es in Afrika geweest?!!!!" *hand in de lucht*
"Wie heeft er een paarse onderbroek aan?!!!! *hand in de lucht*

[dat laatste is verzonnen, maar als ik in zijn machtspositie had gestaan had ik toch zeker even gepolst]

Carl liep zodanig over van zichzelf en zijn utter crap dat ik overging tot de enige oplossing op dit soort uitermate pijnlijke momenten: door middel van oogcontact een gelijkgestemde ziel in de zaal vinden en de rest van de tijd schalks naar elkaar oogrollen telkens Carl over de denkbeeldige lijn springt. Ik keek rond, en negeerde hierbij de lelijkste powerpoint-presentatie die ik in tijden had gezien, wanhopig zoekend naar een levende ziel die Carl een even grote zak lucht vond als ik.

"Wie zou er morgen graag supergemotiveerd opstaan?!!!!!!" schreeuwde Carl veel te luid, en hij deed er om de een of andere reden een scorende basketballer bij na. Ik rolde keihard met mijn ogen en vroeg me af hoe vaak deze kerel al slaag had gekregen in zijn leven, tot.. Tot mijn grote consternatie stak iedereen in de zaal de hand op, met superwijdgespreide vingers dan nog wel. Iedereen, behalve ik. En Carl had het gezien.

*later deel drie alweer*

09 oktober 2005 | | 12 reacties

bill in sink

Als er een hypeje op internet is dan is hij er toch altijd gaarne bij, hoor.

sinkie_kl.jpg

Bill's inzending voor cats in sinks is een feit.

09 oktober 2005 | | 1 reactie

lilith en de huppeldepup-sensation

huppeldepup.jpgGisterennamiddag verzeilde ik massaal in een situaatsie waarin ik helemaal niet wilde verzeilen.

Ik heb twee jobs namelijk, in tegenstelling tot heel wat mensen die helemaal geen job hebben natuurlijk, en voor ÈÈn van die twee jobs (de kantoorbaan, zoals ze dat zouden noemen) moest ik gisteren naar een vergadering. Na de vergadering werd van mij verwacht dat ik op een receptie zou staan met mijn collegaÎ, een hapje zou eten en dan, zo stond er op de uitnodiging, zou een inspirerende spreker ons onderhouden over ÈÈn of ander onderwerpje. Mij allemaal goed en wel.

De vergadering voltrok zich, ik dronk wel zeven versgeperste fruitsapjes als aperitief (die dingen kosten op een terras meer dan hondertwintig frank, maal zeven heb ik dus gisteren een raise van 840 frank uit de brand gesleept) en na het diner van varkensgebraadjes en gratin (ik gok iets van 1000 frank minstens, want drie gangen!) trok ik gezwind naar de zaal waar de spreker ons zou komen inspireren. Dit ging best goed, volgens mij.

"Ik ben uitermate trots om u deze spreker te mogen aankondigen" sprak de man waarvoor ik werk. Ik leunde achterover tegen de leuning van de versierde kerkstoel waarop ik zat. Het was kwart na drie. "Meneer huppeldepup is de nummer ÈÈn in BelgiÎ wat motivatie betreft! Hij is de vervolmaking van de selfmade man! U kent hem misschien, want hij is al vaak op televisie geweest omdat hij mensen over hete kolen liet lopen!"

Ik dacht: Emiel Ratelband. Ik dacht: FUCK. Nog voor ik mijn hoofd in mijn handen kon begraven sprong een heerschap op een zodanig enthousiaste wijze het podium op dat ik even niet goed werd. Het was Emiel Ratelband helemaal niet. Dit was erger. Dit was de antwerpse versie van Emiel Ratelband. "Iek ben meneer Huppeldepup! Iek kom jullie iets lere over zelfbekrachtinging en motivatie!" riep het heerschap, en ik wist direct hoe laat het inmiddels was. Te laat.

*to be continued*

08 oktober 2005 | | 8 reacties

Blind date

elke.jpgVoor al wie nog twijfelt aan de metershoge campfactor van Blind Date, een fragment uit een gedicht dat een familielid kwam voordragen om ÈÈn van de kandidaten (compleet in boswachterspakkie en al) aan te prijzen bij de 'jager'.

Eentje voor de categorie "bevend en stotterend familielid proclameert rijmschema van jewelste on national television":

"Heb je een probleem?
Dat is voor Marcel geen probleem!"

Haal die Pulitzer, iemand, en snel wat.

Update: volgens Zoepa (godbetert ÈÈn van mijn werkgevers) behoor ik zelfs helemaal tot de doelgroep.

06 oktober 2005 | | 14 reacties

Bart Goossens schrijft een boek

webloggen-0-cover_kl.jpgEn het is een erg leuk boekje geworden, zowel voor wie al even in het blogwereldje bivakeert als voor mensen die er eens mee willen beginnen. Met leuke schrijftips, interviews met zowat de helft van de nederlandse en vlaamse blogscene, dagboeken van webkim en merel roze en dat allemaal met mooie fotootjes, en in kleur.

Laat het een tip zijn, want bill staat er zelfs ook ergens in.

boektje-kl.jpg

Het boek is een uitgave van Clickx, in Nederland wordt het uitgegeven door PC Magazine, het telt 240 pagina's en kost 12,95 euro bij de betere kranten- en boekenboer. Dat u dat maar weet.

06 oktober 2005 | | 10 reacties

matsen en marconni's

fruit-tomaat.jpgIk ben tweetalig opgevoed.

Ik sprak thuis zowel westvlaams als een taal die enkel verstaanbaar is voor kinderen die opgegroeid zijn in hetzelfde gezin als ik, of mensen die erg, maar dan ook erg hard hun best doen, en het zo ver schoppen dat ze aanzien worden als huisgenoten. Over die tweede taal bestond namelijk ÈÈn erg belangrijke regel: ze wordt enkel gesproken in huiselijke kring, en dan nog wel als er zich geen enkele buitenstaander in die huiselijke kring bevindt. De tweede taal is onze geheime taal.

Mijn moeder en ikzelf zijn de woordenschat en grammatica het beste meester, en dat is waarschijnlijk zo omdat wij de taal zelf hebben uitgevonden, in de praktijk hebben gezet en fijngetuned waar nodig. Mijn broer begrijpt ze, maar spreekt ze slechts op zeldzame momenten, en mijn vader, die begrijpt er na al die jaren nog steeds geen snars van.

De tweede taal kent slecht weinig regels waar hoognodig aan vastgehouden moet worden, en steunt eigenlijk helemaal op het principe 'maak er maar iets leuks van'. Ze kan zich inspireren op leuke klanken, televisie-series en uitspraken uit Jambers, en door de jaren heen is de woordendatabase zodanig aangegroeid dat het niet lang meer kan duren voor we ermede in de krant komen. Misschien zelfs op internet ofzo.

Tomaten worden kortweg 'matsen' genoemd.
Wat er dan weer voor zorgt dat tomatensoep met balletjes 'matsensoepe met boljes/bolliootjes' wordt, en een saus op basis van tomaten 'matsesause'. Spaghetti heet 'petti', en macaroni komt binnen als 'marconni's'. Thuis worden geen sigaretten gerookt maar 'sagritsen'. Wij doen geen gordijnen dicht, wij doen 'de dienies toe'. Gordijnen, gordienies, dienies, you get the point.
En dat gaat allemaal wonderbaarlijk goed, tot op de dag dat mijn moeder bij de slager doodleuk vraagt naar een 'potteken espesloite' in plaats van naar hespsalade. Aan zo'n dingen gaat je street credibility volledig tenonder, besefte ook zij met een rood hoofd, toen die dag.

Heel mijn jeugd ben ik ervan uitgegaan dat elk gezin beschikte over een tweede, geheime taal. Groot was dan ook mijn verbazing toen ik na een kleine rondvraag ontdekte dat in de meeste huiselijke kringen weinig creatief wordt omgesprongen met woorden en uitdrukkingen, en men zich zelfs meestal aan de standaard woorden houdt. Hoe, het blijft mij een raadsel, want de tweede taal was de glue die ons gezin tesamenhield, zeg maar.

U kunt een punt verdienen als u mij het tegendeel bewijst.
En liefst in uw geheime taal, dan.

05 oktober 2005 | | 12 reacties

Hiep hiep rahoe!

jaardag2.jpgMijn liefste verjaart vandaag (jaja, die die niet meer in frank telt, ja. U weet wel.) ,en hij mag vanaf nu niet eens meer op de Go-pass. :(

Dan weet je wel hoe laat het is.

Om hem toch een hart onder de riem te steken: een heel erg leuke 26ste verjaardag vanuit blogland, dinge!

Hurray!

04 oktober 2005 | | 14 reacties

nostalgifood

lepers.jpgToen mijn broer en ik nog klein waren mochten wij tijdens schoolvakanties vaak op vakantie bij mijn grootouders. Dat was leuk, want mijn grootouders wonen aan zee in een groot huis dat nog veel groter lijkt als je zelf klein bent. De bedden hadden geen lattenbodems zoals thuis maar springveren waarmee je bijna tegen het plafond kon springen, er was een wit-met-bruine jachthond die Tango heette en die altijd klaarstond om te gaan wandelen (de hond ging eigenlijk feitelijk met jou wandelen, want niemand is er ooit in geslaagd om het beest te leren dat wandelen niet gelijk is aan jezelf ophangen aan de leiband terwijl je in je kielzog een mensenkind meesleurt langs de boulevards) en het eten was er helemaal anders dan thuis.

Het eten van mijn moeder was weliswaar duidelijk geÔnspireerd op het eten van haar moeder, maar er waren ook maaltijden die mijn moeder niet had overgenomen van thuis uit, en gerechten die ze bewust had gerevampt zodat wij ze zouden lusten, bijvoorbeeld. En mijn moeder had natuurlijk ook heel wat maaltijden zelf uitgevonden, en die kon je dus niet krijgen aan de kust. En ook andere maaltijden die in de streek rond Ieper al lang gemeengoed geworden waren moest je in Koksijde ontberen. Gyros was in het begin erg moeilijk, en pizza kon je er ook niet krijgen. En over frietjes van de frituur werd er simpelweg niet gesproken. Punt uit.

Niet alleen het eten was anders, ook de namen van het eten kwamen niet honderd procent overeen met het eten dat wij thuis aten. Mijn meme legt de klemtoon van spaghetti bijvoorbeeld helemaal anders: geen spaGHEtti, maar SPAghetti, bijvoorbeeld. En de SPAghetti bij mijn meme smaakte ook helemaal anders dan de spaGHEtti bij mijn mama. Mijn mama maakt de allerlekkerste, maar die van mijn meme mocht er ook zeker wezen. Met dikke zachte sliertjes en kleine stukjes gehakt, in plaats van de grote stukken die zo overheerlijk zijn bij mijn moeder.

Ik noem het nostalgifood: voedsel dat je niet meer naar binnen kunt werken zonder erbij aan vroeger te denken.

  • Ravioli: hoewel mijn grootmoeder een zeer goede en toegewijde kokkin is had ook zij soms van die momenten dat ze zonder inspiratie zat, of simpelweg niet veel zin had om voor de zoveelste keer een ingewikkelde maaltijd uit haar gebloemde voorbindschort te schudden. Dan was het simpel: dan was het ravioli, uit blik. Met korte o, want grootmoeders spreken nog een ander soort italiaans dat tijdens den oorlog werd gebezigd. Ravioli was de enige voedselgroep die niet zozeer proper aan de lange houten eettafel moest gegeten worden: het mocht ook gewoon voor de televisie, en dat was super! Wij aten ravioli, en ondertussen keek mijn opa naar "Questions pour un champion" op France 3. Voor de rest van mijn dagen associeer ik ravioli dan ook met Questions pour un champion, en omgekeerd.
  • Sprite: somewhere along the way had mijn grootvader een sprite-verslaving opgedaan. Ik herinner me hoe de helft van de koelkast ingenomen werd door grote groene twee literflessen, en dat hij het altijd dronk met ijsblokjes uit een geribbeld bierglas. Tot hij door de suiker in korte tijd meer dan tien kilo bijkwam, en overschakelde op Ice Tea Light. Tot op heden kan ik geen ijskoude sprite drinken zonder aan mijn opa te denken.
  • braambessen: onlangs zag ik ze staan in de etalage van een fruitwinkel, aan woekerprijzen, maar als kind heb ik emmers braambessen aangesleept uit de duinen die toen nog rond het huis van mijn grootouders lagen. Gewapend met paarse vingers vol stekels gingen wij door tot we er geen meer konden zien, en 's avonds kregen we dan een grote soepkom vol bramen met suiker. Superbe!
  • King-muntjes: flashback van bij mijn andere grootouders, die van mijn vaders kant. Telkens er bezoek was (zijnde bijvoorbeeld mijzelf, mijn broer en mijn ouders) werd de snoepjeskast opengetrokken en toverde mijn oma blikken dozen vol zandkoeken, onsmakelijke pims-koeken met ingewerkte jello-appelsienflappen en madeleintjes boven. Soms waren er geen madeleintjes meer, maar wel zebrakoeken bijvoorbeeld, of van die zandkoekjes met rode plakkende fruitvulling. En als die er niet meer waren, dan waren er vast wel cakes met confituur tussen, tenminste als mijn opa ze niet had opgegeten. Mijn opa, die meer dan honderd kilo woog en dat te danken had aan in het geniep confituurcake eten en heelder dagen patience spelen. Op tafel dus he, niet op de computer. Wat er ook van zij: kingmunten, die waren altijd in voorraad! Want kingmunten, dat lust NIEMAND! Geen zot die het eet. Waarom koopt iedereen het dan? Und so weiter und so fort.

Het grappige is dat ik nooit meer van die associaties afraak in dit leven, wat er ook gebeurt.
Heeft iedereen dat, nostalgisch eten? En wat is het bij jou?

02 oktober 2005 | | 26 reacties