Maandelijks archief: juli 2009

maat, dit lijkt wel zwangerschapsverlof maar dan zonder baby!

rustende.jpgdingen die onverwacht fijn zijn:

* niet anders kunnen dan heel de dag in je zetel zitten, wegens niet in staat om meer dan een paar stappen te zetten, en dus ineens kunnen kijken naar stomme Youtube-dingen in plaats van ze te bookmarken voor later
* voor het eerst in jaren een uur of twee slapen in de namiddag zonder enig schuldgevoel
* verplicht worden om te rusten, zodat het stemmetje in mijn hoofd dat altijd zegt dat ik beter iets zou doen eindelijk eens stil is
* met mijn leaf naar de Tour de France kijken. En commentaar geven op de commentatoren. Luvs it
* dat ik net vorige week alle ontbrekende Harry Potters besteld had op Amazon, alsof ik het wist


dingen die beginnen tegen te steken:

* opstaan en al na een halve seconde beseffen dat er een grote snee in je buik zit, die weer heel de dag bij alles gaat lastig doen
* niet anders kunnen dan heel de dag in je zetel zitten, wegens niet in staat om meer dan een paar stappen te zetten
* moeten opletten met alles dat ik eet. En dus nog even geen fruit kunnen eten. Het ligt hier vol kweetnie hoe lekker fruit, y’all :'(
* dat ik niet kan gaan sporten. Lach niet, ik meen het. Ik was goed bezig en ik voelde mij zo goed, en trots, en verantwoord bezig, en nu zit ik weer in mijn zetel, VAST TE ROESTEN
* dat ik zo weinig kan doen zonder doodmoe te zijn

dingen die mijn lichaam mij probeert te zeggen:

* ga keer naar buiten. Je bent ongelooflijk griezelig wit, dinge
* blijf keer op uw rug liggen ’s nachts. Indien niet ga je dat ’s morgens zwaar bekopen, kalle
* wast uw haar, het trekt op nieten. (ik weet het, ik heb alleen geen idee hoe ik dat ga aanpakken met al mijn voorschriften van niet douchen en bukken en andere dingen die ik doe als ik mijn haar wil wassen). Dreadlocks zijn ineens weer een optie


dingen waarover ik eens moet bloggen:

* mijn praatzieke thuisverpleegster L.

hoe lilith ontdekte wat nu echt het pijnlijkste is

nijntjeziekenhuis.jpgHet ene moment was ik nog gezwind aan het Zumbaën en langs de Ieperse vaart aan het lopen, het andere moment smeekte ik de dokter om me nog een vierde dosis morfine in te spuiten omdat de drie vorige OBVIOUSLY GEEN ZAK UITHAALDEN. :aah:

Ik zal hier ooit wel eens verkondigd hebben dat een niersteentje het pijnlijkste ooit is, maar god liet me zondagmorgen op accute wijze weten dat ik het bij het foute eind had: een obstructie van de dunne darm, van het type waarbij alles compleet in elkaar gedraaid is, dat is nu eens echt het allerpijnlijkste, pijngewijs.

Zo pijnlijk, dat de dokter mij – toen ik al vier uur lag dood te gaan- hoop gaf met de boodschap: “Maar allez, met zoveel morfine kun je iedereen platleggen, en jij voelt niet eens een verschil”. Geweldig geestige momenten gepasseerd op de dienst spoedgevallen, ik.

Toen ik van onder de scanner vandaan kwam en het duidelijk was wat mijn helse pijn aan het veroorzaken was kwam het verlossende woord: operatie. Direct.

Ik hoorde alleen maar “VERDOVING!!! VERDOVING!!!!”, als gezongen door een inderhaast opgetrommeld engelenkoor, geflankeerd door bambi’s. Ksweertu hastn, als iemand me daar had voorgesteld om keihard op mijn hoofd te slaan met een gietijzeren wok, zodat ik de pijn niet meer zou voelen, ik had “Goed idee! Doen!” geschreeuwd.

Vijf dagen later ben ik al veel minder enthousiast over het hele ziekenhuisgebeuren, wegens drie dagen niks mogen eten, en daarna alleen maar gele puddinkjes. Wegens dat mijn enige verzetje hier Masterchef is, en ik dus wel heel mijn bed onderkwijl van de honger en de goesting. Wegens de ultieme saaiheid van een ziekenhuiskamer, ook al heb ik veel bezoek en telefoontjes en bloemen en tekeningen gekregen, waarvoor dank. En wegens dat Youri het niet kan laten om mij te doen lachen als we samen naar de Tour de France kijken, wat geweldig veel pijn doet als je het gevoel hebt overreden te zijn door een bulldozer.

Maar ik mag dus straks naar huis.
Mijn leven van Zumba en langs de vaart lopen lijkt ineens weer extreem ver van me verwijderd, met doorgesneden buikspieren en alles, maar ik kom er wel weer. Eerst weer leren om de trap op te gaan.

wat er boven kwam

Liesbet (eerst appelblauwzeegroen.be, nu beeldigs.com, checken!) plaatste een filmpje op haar Facebook.

Ik klikte, me van geen kwaad bewust, en mijn maag sloeg volledig in een knoop.

Want dit mag voor u misschien een vrolijk liedje zijn, mij doet het denken aan mijn eerste confrontatie met de dood.

Aan het jongentje dat elke morgen bij mij in de voorschoolse opvang zat. Hij was vier, ik vijf, en hij had naast de grootste snottebel die wel aan zijn neus vastgelast leek te zijn ook de grootste blauwe ogen. Ik ben zijn naam vergeten. Hij hielp soms met het klaarleggen van het bestek voor het middageten, dat herinner ik me wel nog.

Op een dag was hij dood.
Ze kwamen het zeggen in mijn klas.
Een longontsteking, als ik het me goed herinner.

Zijn begrafenis moet één van mijn vroegste herinneringen zijn. Omdat het zo verschrikkelijk veel indruk op mij maakte, dat het jongentje met de snottebel ineens dood was. En volgens mijn moeder dus nooit meer terug zou komen naar de opvang, om te helpen met het bestek.

Dat liedje, dat hebben ze in die periode heel veel gedraaid, denk ik. Zo vaak dat ik maar de eerste seconden moest horen om datzelfde weeë gevoel in mijn maag te krijgen als toen, bij de gedachte aan het dode jongentje met de snottebel. Vreemd hé, dingen.

alleen maar meer lilith om van te houden, my ass

selderie.jpgZe hadden het me erbij verteld, ja, toen ik volop aan het overwegen was om mijn maag te laten halveren. Dat ik eerst een hoop kilo’s zou verliezen, waarop ik er na een tijdje weer een stuk of vijf, zes zou bijkomen. Kon het mij toen schelen! Ik had vijftig kilo lichaamsvet op overschot, dan komt het niet op een klein zakje patatten meer of minder, zulle. Dan wil je gewoon weer in een terrasstoeltje passen.

De maag werd gehalveerd, net als mijn lichaam.
Na het vele vermageren kwam het stabiliseren, en hell, it worked like a charm!

Bijna twee jaar bleef ik staan op mijn laagste gewicht, en dat was zo geweldig dat ik toen de batterijen van mijn weegschaal het begaven niet meer de moeite deed om nieuwe te gaan halen. Ik zou toch voor de rest van mijn leven op hetzelfde gewicht blijven staan, wahey!

Maar toen overkwam me weer hetzelfde als toen ik bijna dubbel zoveel plaats innam als nu: ik werd bang van de weegschaal. Hoe langer ik er in bogen rond liep, wetende dat mijn voedingskeuzes door de lange dagen on the road steeds meer begonnen te vervallen in “pizza, ravioli en af en toe eens een slaatje tegen de schuldgevoelens”, hoe banger ik werd.

En toen ging ik naar Dubai.
En toen liep ik een voedselvergiftiging op.
En toen deed ik een nacht lang allemaal dingen die u echt echt echt niet wilt weten.

“Hey!”, dacht ik, toen ik ’s morgens compleet uitgeput boven de wc-pot hing. “Als ik nu eens op die weegschaal daar zou gaan staan?” Magerder dan toen kon ik onmogelijk zijn, want ik had een vermoeden dat ik net de helft van de ingewanden die ik nog over had na mijn operatie de Arabische riolen in had gespoeld.

Het getal op de weegschaal maakte me compleet euforisch. Wegens serieus laag. Veel lager dan ik had gevreesd. Ik had zin om een dolle polonaise op gang te trekken door de lobby van hotel Arabian Courtyard, tot Youri me kwam melden dat ook hij opvallend veel minder woog dan thuis. En hij was niet voedselvergiftigd.

Eens thuis kwamen de traantjes: na het insteken van nieuwe batterijen gaf mijn weegschaal zes kilo meer aan dan mijn laagste gewicht. De zes kilo die me twee jaar geleden zo hard niks leken zorgden ervoor dat ik een beetje instortte, daar in mijn slaapkamer. Niet alleen dat, maar ik had ook nog eens een dik leaf. Boehoewhoew.

Anyway. Na een paar halfslachtige pogingen is het nu weer voor echt.
Vanmorgen was ik mezelf al om zeven uur aan het afbeulen langs de vaart, met Evy haar Start to Run in mijn oren. Ik heb kilo’s fruit en groenten ingeslagen. Sla op mijn handen als u mij op iets anders ziet knabbelen dan een tak selder, de komende tijd. Of het zou op twee takken selder moeten zijn. Echt hastn, ik meen het. Ik heb zelfs de mojito’s uit mijn dagplanning geschrapt.

dingen die ik geleerd heb in mijn leven

geleerd.jpg* dat het niet gaat om de omstandigheden, maar om hoe je met die omstandigheden omgaat
* dat je echt nooit weet wat er uit de lucht komt vallen
* dat de manier waarop je naar beneden gaat even belangrijk is als de manier waarop je de top bereikt
* dat je voor je eigen geluk moet zorgen
* dat ervaring dat is wat je krijgt als je niet krijgt wat je wil
* dat negatieve gedachten nooit zin hebben. Letterlijk nooit

(geïnspireerd door het fantastische thingsihavelearnedinmylife.com)

En u? Wat heeft u in dit leven al geleerd?

lilith en het graf van haar moeder

grafsteen.jpgIk denk dat ik al twee keer naar het graf van mijn moeder ben geweest. De eerste keer op de dag van haar begrafenis, omdat dat nu eenmaal zo hoort. En de tweede keer op de eerste Allerheiligen na haar dood, omdat ik het gevoel had dat heel wat mensen het zo hallucinant vonden dat ik nooit meer naar het graf van mijn moeder was geweest na haar begrafenis, dat ik er echt niet onderuit kon. Omdat ik bang was dat ik mijn oma er nog meer pijn mee deed dan ze al had, ook.

Ik praat nooit tegen foto’s van mijn moeder, want ik praat ook niet tegen foto’s van let’s say bromfietsen. Ik praat ook nooit tegen mijn moeder in de hemel, want mijn moeder is dood. Ze hoort me niet.
“Hoe kun jij nu niet geloven dat je je moeder ooit weer terug zult zien?” vroeg iemand me onlangs eens, toen ik dat zei. “Als ik zo zou denken, dan werd ik gewoon gek.”
Gevolgd door: “Ik weet zeker dat je moeder je nu kan zien, en heel trots op je is.”
Ik zweeg, en deed iets spastisch met mijn linkerooglid.

Ik heb alle energie die ik moedergewijs had gestoken in de laatste maanden van haar leven, toen heel veel mensen dachten dat het wel weer goed kwam. En er nog tijd genoeg zou zijn om iets met hun energie te doen. Ik wist maar al te goed dat het niet zo was.

En dus ben ik er klaar mee. En ga ik nooit naar de steen, waarop haar naam zo definitief staat, met een onsubtiele 1959-2007 op. Niemand zou me straffen met de boodschap dat ik er van mijn leven niet meer naartoe mag. Integendeel. Ik heb nul komma nul aan de bezoekjes aan de steen. Mijn moeder ook niet. Ze leeft namelijk niet meer.

Soms merk ik dat mensen mij een beetje vreemd bekijken.
Kijk, daar heb je die vreemde vrouw weer, die nooit naar het graf van haar bloedeigen mama gaat.
En dan wijzen ze.
Waarop ik doe alsof ik het niet hoor, en spastisch met mijn ooglid knipper.
Wel tien keer na elkaar.