van tien jaar geleden
In tegenstelling tot tien jaar geleden moest ik mijn iPhone afleggen, in plaats van mijn allereerste gsm van een brooddoos groot. Op die bewuste iPhone had ik een paar minuten eerder een smsje gekregen van mijn broer over een succesvol afgesloten deal van zijn kersverse bedrijfje. Vroeg ik me tien jaar geleden nog bezorgd af wat er ooit van mijn toen geweldig slungelige broertje zou komen, dan was ik nu vooral blij en trots.
Ik werd deze keer niet begeleid door een moeder die nog tien keer zenuwachtiger was dan ik, en ook qua zenuwen was het eigenlijk niet te vergelijken: in tien jaar heb ik duidelijk al zenuwachtiger makende watertjes doorzwommen. Bij de balie - waar ze precies ook van geen restyling moeten weten- haalde ik een identiteitskaart ter grootte van een bankkaart uit mijn portefeuille, in plaats van een lap de grootte van een gemiddelde floppy disk, en ik kreeg er een kaartje met "computer vier" voor terug.
Computer vier, die duidelijk in geen tien jaar vervangen was. En koptelefoon vier, die alleen maar keihard zijn best lag te doen om hip te wezen in het oostbloklokaal, maar eigenlijk deed denken aan de walkmans uit de jaren tachtig.
Ik klikte me door vijftig vragen, in plaats van veertig, tien jaar geleden.
En net als tien jaar geleden was ik op het einde geslaagd, zelfs met een nog betere score dan toen, al had ik toen nog oceanen van tijd gehad om alles te leren, en nu alleen maar tussen de soep en de patatten.
In tegenstelling tot tien jaar geleden ben ik nu echt van plan om mijn voorlopig rijbewijs te gaan ophalen en eens aan mijn praktijk te beginnen. Had ik dat tien jaar geleden moeten doen met de aftandse Nissan Sunny van mijn ouders, dan mag het nu met de rode Mini Cooper van mijn leaf. En hij is minstens even bang om met mij rond te hotsen als mijn vader destijds was. Zo hoort het ook, vind ik.
Neen, maar echt, niet meer of niet minder.



* ik heb asthma gehad tot ik twaalf was. Eén kerstavond zo erg dat ik dacht dat ik zou stikken, en het bijna had gedaan als de dokter van dienst me niet snelsnel een inspuiting was komen geven.
Dingen die ik doe:
Vandaag was ik plotsklaps op de radio. Bij Siska Schoeters, op Studio Brussel. Als niet vlees-etende mensch die het eens allemaal mocht komen uitleggen. Vandaag was ik vlak na het interview even oprecht bang dat ik had geklonken als een vegetariër die vindt dat heel de wereld moet stoppen met vlees eten. Wat niet waar is. Het zou evenwel cool zijn. Even overwoog ik om de vlucht te nemen naar Frans-Polynesië, weg van alle carnivoren die zouden vinden dat ik een gigantisch stomme vegetarische seute ben. Maar ik zag er net op het laatste moment van af.
U zou het misschien soms niet zeggen, maar ik ben een vredelievend mens met een goed hart dat ook nog eens op de juiste plaats zit. En ik zie geweldig graag beesten. Ik zou nooit een vlieg kwaad doen, en ik heb in het verleden genoeg dieren gered en uit het nest gevallen zwaluwjongen opgevoed om ruimschoots mijn plaats in de hemel verdiend te hebben.
Ik weet niet hoe dat bij u zit, maar ik snap het hele spelletje "meisjes tegen de jongens" dat nogal wat mensen op deze aardkloot gedurende heel hun bestaan lijken te spelen nog steeds niet. Besefte ik toen ik net weer een hoop geslachtsgenoten lid zag worden van facebookgroepen als "God maakte eerst de man, en toen had hij een beter idee!", of "Vrouwen hebben altijd gelijk, ook als ze niet gelijk hebben."
Een mens zou het bijna vergeten, dat er
Er was de man in de metro, die iets uit wilde leggen aan een hispanic mevrouwtje, en ineens een balpen in de hand kreeg geduwd door een andere reiziger. Zodat hij het woord dat zij niet begreep kon opschrijven. Er waren de verschillende lieve menschen die "Would you like me to take a picture of you guys?" riepen toen wij nog maar aanstalten maakten om onze kodak boven te halen.